Toen de meeste inwoners van België en Nederland de dagen tot de lente waren aan het aftellen, trokken David en Sarah samen met hun twee zoontjes Vic en Lias rond door het noorden van Tanzania. David zijn neef heeft er een bedrijfje en voorzag hen van de perfecte uitvalsbasis voor hun twee maanden durende trip.
Tekst: Bert De Vriese
Met een Jeep met daktent trok het viertal van Arusha naar Moshi. Ze passeerden aan de voet van de Kilimanjaro richting het historische stadje Pangani. En maakten even de oversteek naar het eiland Zanzibar om vervolgens door te trekken naar Dar Es Salaam.
Hoelang broedden jullie al op de idee om een grote reis te maken met het gezin?
Sarah: “We liepen altijd al met het idee rond in ons achterhoofd, maar onze plannen werden nooit concreet, tot Lias, onze oudste zoon, bijna naar het middelbaar moest. Daarna zou het alleen maar moeilijker worden om zo’n reis te organiseren, dus dat was wel een reden om er toch werk van te maken. De eerstvolgende stap, was nagaan bij onze werkgevers of ze ons wel twee maanden konden missen.”
Heb je lang moeten nadenken over de bestemming?
David: “Omdat de kinderen geen examens zouden moeten missen op school wilden we in januari en februari op vakantie gaan, maar dan is zelfs in het zuiden van Europa wat te koud. Even dachten we aan Latijns-Amerika, maar omdat mijn neef Mathias zijn eigen bedrijfje, IdFabric, heeft in Tanzania zijn we toch daarheen getrokken. Via mijn neef hadden we een mooie uitvalsbasis en een connectie met de lokale bevolking, en we waren nog nooit in Afrika geweest.”
Was het moeilijk om de praktische kant van jullie reis geregeld te krijgen?
David: “De school van de kinderen stond er gelukkig meteen voor open. Ze zaten toen in het vierde en het zesde leerjaar. We hebben hen zelf lesgegeven, want ze moesten wel mee zijn met de klas als we terug waren. Het hielp dat Sarah zelf leerkracht is. En één op één lesgeven gaat sneller dan aan een hele groep.”
Sarah: “Met ons werk hebben we geluk gehad dat onze werkgevers dat zagen zitten. Aan diegenen die twijfelen om ook zo’n reis te maken, kan ik maar één tip geven: overleg met je werkgever. Je weet nooit wat er allemaal mogelijk is en wie weet, zijn ze enthousiaster dan je denkt.”
Wat zijn de mooiste herinneringen als je aan de reis terugdenkt?
David: “Het was leuk om zoveel tijd door te brengen met het gezin. We hadden geen verplichtingen, geen geplande familiebezoekjes, geen hobby’s… Alles wat we in België ‘moeten’ doen, verdween al snel, waardoor we veel tijd hadden samen en op een heel ander tempo leefden. Zelfs het huiswerk maken was leuk. ’s Avonds lazen we elk om de beurt een verhaaltje voor in de daktent, soms gewoon in de natuur, omringd door wilde dieren.”
Sarah: “De omgeving was zo kleurrijk en zo intens dat we eigenlijk niet veel hoefden te plannen. Overal waar we gingen, was alles voor ons nieuw. Zelfs gewoon iets kopen op de markt was eigenlijk al een belevenis. In Tanzania is 45 procent van de bevolking jonger dan 15 jaar waardoor er altijd en overal kinderen op straat zijn aan het spelen of voetballen, en onze kinderen mochten direct meespelen. Tijdens een wandeling kwamen we een keer iemand tegen die bij hem thuis een muziekstudio had en ter plaatse een liedje over ons gezin had geschreven. Zelfs toen we al een tijdje terug in het grijze België waren, is het vakantiegevoel nog lang blijven hangen.”
