Wat begint in de zwoele, toeristische hitte van Antalya, eindigt hoog in verlaten bergdorpen, aan een zoutmeer en in valleien waar vulkanisch gesteente in rood en wit gloeit. In drie weken tijd rijden we met onze camper dwars door Midden- en Oost-Turkije, steeds verder oostwaarts, tot aan de rand van Armenië en Iran.
Tekst & foto’s: Charlotte Dewilde
Onderweg stuiten we op extreme gastvrijheid, militaire controleposten, stille moskeeën, aardbevingslittekens en landschappen die voortdurend van gedaante wisselen. We trailrunnen zonder paden, drinken liters thee met de lokale bewoners en zoeken verkoeling waar die nauwelijks te vinden is. Een reis waarin ontspanning en ongemak, vrijheid en grenzen elkaar voortdurend afwisselen.
Antalya als startpunt, niet als bestemming
Antalya. Zon, zee, zwembaden en hotels die hoger lijken dan de omliggende bergen. Het is er extreem heet en alles ademt massatoerisme. Niet de plek waar wij willen blijven hangen. We landen, halen onze camper op en maken kennis met onze reisgenoot voor de komende drie weken: een wit busje dat tegelijk slaapplaats, keuken, douche en toevluchtsoord zal worden. Na een korte uitleg, wat hoogstnoodzakelijke inkopen en zonder veel omwegen rijden we de nacht in, op zoek naar een eerste slaapplek.
.
Ons plan is eenvoudig: zo snel mogelijk oostwaarts, richting de uiterste grens met Armenië en de hoogste berg van het land: de Ararat (5137m). Daarna zien we wel hoe we, op een gemoedelijk tempo, opnieuw meer dan 2000 kilometer terug richting Antalya geraken. Al op onze tweede nacht leren we dat reizen in Turkije anders is. Diep in de nacht worden we wakker gemaakt door de politie, na een klacht van een voorbijrijdende auto. Blijkbaar had iemand me – al douchend in the middle of nowhere – naakt gezien. Een ongemakkelijke kennismaking, maar ook eentje die gelukkig snel wordt gerelativeerd.
Tufsteen, thee en tochten zonder paden
De landschappen veranderen snel. We rijden Cappadocië, gelegen in Centraal- en Oost-Anatolië, binnen, en zien de eerste rotshuizen opduiken, uitgehouwen in zacht vulkanisch tufsteen. Het voelt onwerkelijk. Alsof we door een decor rijden dat tegelijk prehistorisch en buitenaards aandoet. Die eerste, wat onaangename indrukken van onze roadtrip maken al snel plaats voor iets anders: extreme gastvrijheid. Mensen zien ons voorbijrijden en doen teken om te stoppen.
.
Voor we het goed en wel beseffen zitten we tussen een Turkse familie, met kleine glaasjes dampende çay in de hand. Liters rode, cafeïnerijke thee passeren de revue. We leren snel: weigeren is geen optie. Op dag vier willen we een eerste berg – of beter gezegd vulkaan – beklimmen. Dat blijkt makkelijker gezegd dan gedaan. Wandelpaden zijn hier een zeldzaamheid. Hiken en trailrunnen blijken een lastige, soms ronduit gevaarlijke onderneming.
Luxe op wielen en te veel baklava
In vergelijking met onze talloze, eerdere bikepackingavonturen geeft het busje ons ongekend comfort. We slapen droog, kunnen douchen, koken uitgebreid en steken ’s avonds een kaarsje aan. Luxe, bijna. Wat we soms missen is de eenvoud van bikepacken: fietsen, eten, slapen. Met de camper vraagt elke dag iets meer planning. Eén dagtaak leg ik mezelf echter steevast op: dagelijks verse baklava inslaan. Met pistache, honing, noten – elke regio lijkt haar eigen variant te hebben. Ik geef me er zonder schaamte aan over.
Tussen littekens en lagen geschiedenis
In 2023 werd Zuidoost-Turkije zwaar getroffen door een aardbeving. We rijden door Kahramanmaraş en de stadsbeelden grijpen naar de keel. Ingestorte gebouwen, verlaten straten, littekens die nog lang niet geheeld zijn. We zoeken even rust in een grote moskee.
Verder oostwaarts passeren we de Atatürk Dam, een van de grootste dammen ter wereld. Massief, indrukwekkend, bijna absurd in schaal. Niet veel later bezoeken we de archeologische site ‘Göbekli Tepe’, het oudste tempelcomplex ter wereld (ca. 11 500 jaar) en UNESCO-werelderfgoed.
.
In Şanlıurfa, op amper vijftig kilometer van de Syrische grens, eten we misschien wel de beste Turkse maaltijd van de hele reis. Knapperig brood met pikante tapenades, gevulde courgettes in romige saus en een zoete pannenkoek met noten als afsluiter.
Verder oostwaarts: Koerdistan, Vanmeer en Ararat
Stilaan komen we dieper in Turks Koerdistan terecht. Militaire controleposten duiken overal op. Wildkamperen voelt hier soms minder vanzelfsprekend. Toch overheerst ook hier de gastvrijheid. Op dag tien bereiken we het grootste meer van Turkije: het Van-meer. Het water is extreem zout, omdat het meer geen afvloeiing heeft. Alles wat verdampt, laat zijn zout achter. Onze slaapplek is er eentje uit de boekjes.
.
De laatste kilometers oostwaarts brengen ons dichter bij Ararat. We passeren de grens met Iran; de militaire posten worden strenger, de sfeer grimmiger en het weer slaat om. De top van de berg zit in de wolken. Na het bezoek aan een prachtig Osmaans paleis zoeken we een slaapplek aan de voet van de berg. Na ons eigen ontbijt worden we opnieuw uitgenodigd voor thee en een Turks ontbijt met watermeloen en kaas. We ontbijten voor de tweede keer en wuiven de gastvrije Koerden uit, waarna we weer westwaarts rijden.
Van verlaten bergen naar volle valleien
Al snel belanden we op onze lange terugweg in een half verlaten bergdorp. Voor we het weten zitten we aan tafel bij de lokale bevolking. Het hele dorp lijkt ons dingen te willen tonen. We blijven overnachten en beslissen de lokale berg te beklimmen. Zonder pad, puur op gevoel, bereiken we de top van de Kösedağ (3433 m). Een onverwacht hoogtepunt. De dagen daarna laten we ons leiden door groene valleien. De hitte wordt steeds intenser.
.
Eén regio staat nog hoog op onze lijst: Cappadocië en deze keer de toeristische hotspots. De overgang kan nauwelijks groter zijn. Van het verlaten, arme Koerdistan rijden we een regio binnen vol luxe en comfort. We trailrunnen door Red Valley en White Valley. Het landschap is ronduit ongelooflijk. Vulkanisch gesteente heeft hier de vreemdste vormen aangenomen. Bij valavond kleuren de rotsen rood en wit, bijna onwerkelijk mooi. Ondanks de hitte trekken we er ook bij zonsopgang op uit. De verhoopte honderden luchtballonnen? Wij tellen er een. Te laat opgestaan, wellicht?
Hogerop, trager, richting thuis
Na nog een nachtelijk politiebezoek, een kapotte airco en puffende temperaturen, beslissen we hogerop te zoeken. We hiken, rusten uit en vertragen. Op de voorlaatste dag krijgen we een platte band. Paniek? Onnodig. De Turkse service is snel, efficiënt en hartelijk. In geen tijd zijn we weer onderweg, richting het zwoele Antalya. 4000 kilometer in 23 dagen met de camper. Een land van contrasten, extremen en indrukken die blijven nazinderen. En ja, ergens zijn we ook blij om terug te keren naar ons frisse, welgestelde bergdorpje in Tirol.
Reiswijzer roadtrip Oost-Turkije
Beste periode: mei-juni en september-oktober (zomers extreem heet)
Wildkamperen: officieel gedoogd, maar in het oosten soms gevoeliger door militaire aanwezigheid
Veiligheid: controleposten zijn normaal in Oost-Turkije
Hoogtepunten: Göbekli Tepe, het Van-meer, Ararat, Cappadocië
Afstand: ± 4000 km in 3 weken
Turks-Koerdistan in perspectief
Het oosten van Turkije is overwegend Koerdisch gebied, met Turkse, Arabische, Zaza en Aramese minderheden. De regio kent een complexe politieke geschiedenis en een sterke militaire aanwezigheid. Tegelijk staat ze bekend om haar ongeziene gastvrijheid en ruige berglandschappen. Reizigers worden er vaak nieuwsgierig, maar hartelijk onthaald.