Groen en outdoor
Groen en outdoor

Groen en outdoor, dat die twee dingen samengaan, lijkt voor velen bijna vanzelfsprekend. En toch is het niet eenvoudig om duurzaamheid ook echt te laten doordringen in alle lagen van de outdoorbranche. Wat zijn PFC’s? Wat met leder en labels?

Dit is deel 2 van het artikel over duurzaamheid in de outdoorsector – zeg maar groen en outdoor – waar we het hebben over PFC’s, lederen schoenen en duurzaamheidslabels en aangeven wat je zelf kan doen om je impact kleiner te houden. In deel 1 van dit artikel leggen we vier voortrekkers binnen de sector enkele vragen voor over duurzaamheid in de outdoorsector en de oplossingen die zij hiervoor aandragen.

Hoe goed gaan groen en outdoor samen?

Wat zijn PFC’s: vloek en zegen

Geperfluoreerde en gepolyfluoreerde chemicaliën (kortweg PFC’s) worden door de outdoorsector massaal gebruikt om je kleding waterdicht en vuilafstotend te maken. Een belangrijke component dus, maar wel een waar we even bij moeten blijven stilstaan. In mei en juni 2015 stuurde Greenpeace er een team wetenschappers op uit om in de meest ongerepte gebieden ter wereld sneeuw- en waterstalen te gaan nemen. Wat bleek? Overal kwamen PFC’s voor, terwijl het geen natuurlijk product is: PFC’s kunnen immers enkel door de mens worden gemaakt. Tijdens de productie van onder andere waterdichte jassen of broeken komen ze in de lucht terecht en worden ze naar alle uithoeken van de wereld geblazen. Eenmaal in het milieu breken ze langzaam af en accumuleren ze in de voedselketen. Zo belanden ze uiteindelijk op ons bord. De effecten bij lage dosissen zijn onbekend, maar bij hoge dosissen vonden studies op dieren een negatief effect op groei, ontwikkeling en lever. In mei 2015 tekenden meer dan tweehonderd wetenschappers de Madrid-verklaring die vraagt om alle PFC’s uit consumentenproducten te verwijderen.

Is er dan een alternatief? Ja en nee. Veel outdoormerken geven aan dat ze zonder PFC’s niet dezelfde productprestaties kunnen leveren en hun producten minder lang waterdicht zouden blijven. Daardoor zou je de materialen sneller moeten vervangen of herimpregneren, wat ook weer een milieubelasting met zich meebrengt. Dat klinkt logisch, maar er zijn weldegelijk alternatieven. Fjällräven bijvoorbeeld, verwerkt sinds 2015 geen PFC’s meer in zijn kleding en accessoires. Dat is mogelijk door alternatieven zoals wasgebaseerde technologieën, polyester of siliconen te gebruiken. Het nadeel? De impregnatie moet iets vaker worden hernieuwd. Fjällräven raadt dan ook aan om het bij elke tweede wasbeurt te herhalen met een PFC-vrije impregnatiespray. Het voordeel? Er komen minder toxines terecht in die ongerepte natuur waar je zo graag door wandelt. Vele andere bedrijven zijn zich bewust van de problematiek, maar blijven zweren bij PFC’s. Toch is er ook een tegenbeweging: in september 2015 liet fabrikant Gore-Tex weten dat ze bijna 14 miljoen euro investeert in onderzoek naar een goed alternatief voor PFC’s, en Vaude en Jack Wölfskin geven aan dat ze het gebruik willen uitfaseren tegen 2020.

Groen en outdoor in schoenen
Groen en outdoor in schoenen

Lederen bergschoenen

Schoenen zijn een van de meest complexe items van je uitrusting: verschillende soorten stoffen, leer, zolen, lijm, vulling, veters en kleine stukjes metaal worden bij elkaar genaaid zodat jij comfortabel kan wandelen. Leren bergschoenen zijn daarbij een ambachtelijke, stevige en betrouwbare optie. Dat klopt zeker. Maar om leer te maken van een dierenhuid, moet je het looien en dat is schadelijk voor milieu, mens en dier. Groen en outdoor gaan hier dus niet bepaald samen. Looien is namelijk een erg waterintensief proces en gaat gepaard met heel wat chemicaliën en zware metalen, waarvan chroom het belangrijkste is. In een liter afvalwater uit het looiproces zit ongeveer 100-400 mg chroom. Daarnaast vraagt het veel energie, oplosmiddelen, zuren, oliën en kleurstoffen, die ook weer in het afvalwater terecht komen. Tot slot komt het grootste deel van de leerhuiden van veeboerderijen uit het Amazonegebied, waar op grote schaal bomen werden gekapt om plek te maken voor de dieren. De meeste outdoormerken geven echter geen informatie vrij over de afkomst van hun huiden. Wat dierenleed en kinderarbeid betreft, hangt het af van in welk land het leer uiteindelijk wordt geproduceerd, maar landen als India, Bangladesh, Pakistan, Turkije en Marokko hebben op dat vlak geen al te beste reputatie.

Is er dan een alternatief? Jawel, maar het aantal duurzamere bergschoenproducenten is beperkt en het gaat vaak slechts over enkele modellen. Zo heeft Meindl een ‘Identity’-reeks die geproduceerd is met TerraCare-leer, waar ze het hele productieproces van naaldje tot draadje kunnen navertellen. Hanwag produceert een reeks met gecertificeerd bioleer en heeft ook een twintigtal modellen gemaakt met TerraCare-leer. En Aku heeft in zijn catalogus een aantal schoenen gemaakt uit leer dat werd geproduceerd zonder chroom.

De labels op je outdoorkledij
De labels op je outdoorkledij

Duurzaamheidslabels op je outdoormateriaal

Er bestaan heel wat gecontroleerde duurzaamheidslabels, maar er is er geen een dat alle merken gebruiken. Dat maakt het als consument moeilijk om ze te vergelijken en te bepalen hoe goed groen en outdoor bij een bepaald merk samengaan. Deze vijf merkonafhankelijke labels zie je wel eens op een etiket staan:

  • Bluesign: wil zeggen dat er tijdens de productie hoge milieustandaarden voor water- en chemicaliëngebruik werden nageleefd.
  • Flurocarbon-free: geeft aan dat er een alternatief voor PFC’s is gebruikt.
  • Fair Wear Foundation: een label dat veelal aan textiel wordt gehangen. Garandeert goede werkomstandigheden voor het personeel.
  • RDS: garandeert dat dons en veren van goed behandelde dieren komen.
  • TerraCare: is niet echt een keurmerk, maar wel het label van een Duits bedrijf dat zich inzet om zijn leer duurzaam te produceren. Dat wil zeggen: via verlaagd gebruik van chemicaliën, water en energie en met extra aandacht voor de werkomstandigheden van het personeel. CO²-uitstoot die ze niet kunnen vermijden compenseert het bedrijf door te investeren in herbebossingsprogramma’s.

Wat kan jij zelf doen?

Merken doen moeite en er zijn veel grote en kleine initiatieven om de outdoorsector duurzamer te maken. Enerzijds omdat het strookt met hun imago, anderzijds moeten ze wel: zonder ongerepte natuur zijn er minder mensen die hun producten kopen om die natuur te verkennen. Toch ontbreken er vaak overkoepelende labels die je als consument in staat stellen om een geïnformeerde beslissing te nemen, en dat is jammer. Het kan je alleen maar meer stimuleren om extra zorgzaam te zijn op je materiaal, te reinigen wat vuil is en proberen te herstellen wat stuk ging. Want vooral door je spullen een lang leven te geven, houd je je ecologische impact het kleinst.

Beware

Bewaren

Zuid-Tirol