Trekking naar Ciudad Perdida in Colombia, verslag van dag tot dag

Trekking naar Ciudad Perdida in Colombia

Ciudad Perdida in Colombia is de Spaanse naam voor Teyuna, een oude stad van de Taironaindianen die diep en hoog – tot 1300 meter – in de jungle van Colombia ligt. De verloren stad werd in de zevende eeuw gebouwd en maar pas in 1972 ontdekt. Niet alleen vanwege de geïsoleerde locatie in de jungle, maar ook omdat drugsoorlogen en paramilitaire activiteiten dit gebied al jarenlang teisteren. De stad wordt nog steeds door militairen bewaakt, maar het is ondertussen absoluut veilig om de trekking te ondernemen. Zij het wel met een officieel tourbureau.

Tekst: Evelien Jansen

Trekking naar Ciudad Perdida in Colombia

Dag 1

De eerste dag van de hike naar Ciudad Perdida in Colombia is meteen vrij pittig. Hoewel je pas rond 10 uur ’s morgens uit Santa Marta vertrekt en pas na 1,5 uur later hobbelen in de jeep aankomt in El Mamey, het startpunt van de hike, lijkt het vooruitzicht van een half dagje stappen best relaxt. Niets is minder waar. Na de lunch begin je te stappen en dat gaat maar liefst drie uur lang alleen maar steil omhoog. In de moordende zon. De prachtige uitzichten maken gelukkig veel indruk en de verse watermeloen onderweg is een welkome verfrissing. Na deze stevige klim mag je nog een uurtje dalen en kom je aan in het eerste kampement. Leuke extra: het ligt vlak aan een verfrissende rivier. Afkoelen en afspoelen geblazen!

Dag 2

De volgende dag word je rond 05:15 uur gewekt en ga je om 6 uur alweer op pad. Er wordt meteen met een stevige klim van een uur gestart. Was je nog niet helemaal wakker, dan ben je dat vast nu wel! Na een uurtje dalen stop je bij de inheemse nederzetting Mutanyi, waar nog traditionele Kogui rondlopen. Onze gids vertelt uitvoerig over hun stam en hun tradities. Interessant! Na de lunch gaat de tocht verder over rotspartijen en dwars door het water. Het koele water is een verademing voor mijn jeukerige benen. Verdomde muggen! Na vier zware uren bereiken we het volgende kamp waar ik nog net genoeg energie over heb voor een bord vol rijst, bonen en groenten, en dan kruip ik moe, maar voldoen in mijn slaapzak.

Ciudad Perdida in ColombiaDag 3

Dag 3 is de dag waar je het allemaal voor doet. Het kamp ligt op amper een kilometer van Ciudad Perdida, maar om de verloren stad te bereiken, moet je wel eerst 1200 treden omhoog. Steile treden, met van die trapjes die vervelend zijn om op te lopen. Bovendien is het warm en vochtig. Maar ‘Oh oh’ wat een beloning! De oude ruïnes zijn verdeeld over verschillende terrassen. Dat is al mooi om te zien, maar de omgeving, die is werkelijk fenomenaal, die maakte echt indruk op me. De weelderige jungle valt amper in woorden te vatten. Je krijgt gelukkig tijd genoeg om deze magische plaats helemaal op te nemen, te verkennen, kiekjes te maken en vooral te genieten.

Op de terugweg van Ciudad Perdida in Colombia kregen wij een fikse regenbui op ons dak – zo eentje van het type: onderbroek ook nat. Maar mijn glimlach kon niet meer stuk, mijn trekking was alvast meer dan geslaagd. Nog even op de tandjes bijten en uitkijken naar een warme maaltijd en droge kleren, in hoeverre ik die nog heb. Maar wat een dag!

Dag 4

De laatste dag worden we gepakt en gezakt rond zes uur ’s morgens op het appèl verwacht. De laatste kilometers, de laatste loodjes. Omdat je dit stuk al wandelde op de heenweg weet je hoe lang die vermoeiende klim nog duurt en hoe diep die vervelende afdaling nog is om dan eindelijk terug in El Mamey aan te komen, waar de trip vier dagen eerder begon. Rugzakken worden afgegooid, voeten ontdaan van schoenen en sokken, en de frisse Aguila’s – het Colombiaans biertje – in sneltempo aangerukt alvorens de jeep ons terugbrengt naar Santa Marta. Vier prachtige en intense dagen rijker.

Ciudad Perdida in Colombia het Machu Picchu van ‘den Aldi’? Ik dacht het niet! De omgeving is fenomenaal en ben je een beetje sportief aangelegd, dan valt de hike heus wel mee. Hier kom je om te genieten van de natuur en daar krijg je alle kansen toe. Want om ervoor te zorgen dat de jungle en de stad niet zouden lijden onder te veel menselijke aanwezigheid, werd er sinds een aantal jaren een maximum gezet op het aantal toeristen die de trail per dag mogen bewandelen (160), in kleine groepjes van gemiddeld tien personen. En dat merk je. Het voelt niet aan alsof je in een massastroom meeloopt, wat de ervaring net dat tikje authentieker maakt. De beste reisperiode? Het droogseizoen tussen december en maart. Doen!