Op paddenstoelenwandeling in Vlaanderen

Op paddenstoelenwandeling in Vlaanderen
(c) Pixnio

Het is oktober en… de paddenstoelen zijn weer daar! En dus kan je op paddenstoelenwandeling in Vlaanderen. Wij zochten drie totaal verschillende gebieden uit en gingen op zoek naar de meest wonderbaarlijke exemplaren.

3 x op paddenstoelenwandeling in Vlaanderen

Voor de fans van foodwalking, opgelet: je mag in Vlaanderen niet zomaar paddenstoelen in het wild plukken. In Wallonië mag het wel en kan je een emmer van tien liter vullen voor persoonlijk gebruik. Zorg wel dat je weet welke paddenstoelen eetbaar zijn en welke niet.  Het Antigifcentrum krijgt jaarlijks zo’n 300 tot 400 meldingen van vergiftiging door paddenstoelen, niet om te lachen. Of beter: laat je begeleiden door een kundige gids. Zowel Natuurpunt, het Agentschap Natuur en Bos als vele provincies en gemeenten organiseren in de maand oktober paddenstoelenwandelingen.

1. Pietersembos in Lanaken (Limburg)

Het Pietersembos behoorde vroeger tot het kasteeldomein Pietersheim. Vandaag is het de eerste toegangspoort tot het nationaal park Hoge Kempen. Het is een heerlijk bosreservaat met natuurlijke eiken- en berkenbomen, goed ontwikkelde hooilanden en typerende dikke veenmosbulten. Inderdaad: een ideaal biotoop voor paddenstoelen.

Met wat geluk kom je markante soorten tegen, zoals de kostgangerboleet en de plaatjeszwamgast. Daarnaast zie je ongetwijfeld veel gangbare soorten, zoals het elfenbankje, de zwavelzwam of de vermiljoenhoutzwam. Wij kozen een van de ‘premiumroutes’: de rode wandeling Pietersheim-Zuid die vertrekt aan de waterburcht Pietersheim. Deze route gaat dwars door het bos, over een lang plankenpad door moerassig gebied en verder door de Zijbeekvallei en Neerharerheide.

2. Kesselse Heide (Antwerpen)

Mooi? Mooi! Dit heide-veengebied op de grens van de Kempen en de vallei van de Kleine Nete is misschien niet de eerste bestemming die in je opkomt voor een paddenstoelenwandeling in de Belgische bossen. Niet onterecht, want het grootste deel zijn heiden en vennen. Al duizenden jaren werden hier bossen systematisch gekapt. Eerst voor landbouwgrond, dan voor de mijnbouw, vervolgens tijdens WOI om het zicht tussen de twee forten vrij te houden. Na herbebossing in 1920 werden de bomen tijdens WOII weer gekapt. Als brandstof dit keer. Maar goed, genoeg bomengeschiedenis.

Het 7 ha grote Hoogbos en de Kesselse Heide is ondertussen in handen van de provincie Antwerpen. Er zijn verschillende bewegwijzerde wandelwegen en een bezoekerscentrum, Doefoepdel genaamd, naar de naam van de oude hoeve. Met wat geluk spot je onderweg judasoor, een klein zwammetje dat fijnproevers graag gebruiken voor Chinese en Japanse gerechten. Maar ook parasolzwammen en allerlei andere zwammen en paddenstoelen in alle vormen en kleuren.

3. Landschapspark  Bulskampveld (West-Vlaanderen)

90 km2 pure ontspanning. Er zijn kilometers fiets- en wandelpaden en veel, heel veel paddenstoelen en zwammen in de herfst. Het is dan ook het meest bosrijke gebied van heel West-Vlaanderen. De Bulskampveldwandelroute is een lus van 8,9 km die je doorheen de weidse bosgebieden, heidevelden, veldvijvers en drevenlandschap leidt.

Zwammen en paddenstoelen in overvloed, van eekhoorntjesbrood en andere boleten tot paddenstoelen groot en klein. Grappig weetje: de Scheepsput in het Sint-Pietersveld werd een eeuw geleden al gebruikt om matrozen op te lieden. Een schip midden op de vijver deed dienst als oefenplaats. Vandaag is het een speelparadijs voor kinderen met recht tegenover de vijver een fijne picknickplaats.

Shop Lokaal