Home Blog Pagina 50

Microavontuur in en rond de Wutachschlucht in het Zwarte Woud

Wist je dat je op een zestal uur rijden van hier een paar dagen lang kan wandelen in een wondermooie kloof? Dat kan in een avontuurlijk wild rivierdal in het Zwarte Woud. De rivier de Wutach en haar zijrivieren vormen een overweldigend oerlandschap met romantische kloven en oerbossen. Een onvergetelijke ervaring voor elke wandelaar.

Tekst & foto’s: Jo Haegeman

Er zijn verschillende wandelroutes doorheen de regio, maar we puzzelen zelf een gevarieerde driedaagse in elkaar die ons langs de mooiste plekken in en rond de Wutachkloof zal brengen. Deze kloof ligt verstopt in het hart van het grootste Duitse natuurpark, Südschwarzwald. Je vindt er ruige dalen, wilde rivieren, heldere meren en zonnige hoogten.

Het groenste groen

Eerst droppen we onze fietsen in Bonndorf. Daar zullen we ze weer oppikken op het einde van dag twee. Vervolgens rijden we met de auto door naar het dorpje Stühlingen, waar we die achterlaten en vertrekken met een rugzakje voor twee dagen. In Stühlingen volgen we direct een pad dat langs de oevers van de rivier loopt. Hier nog geen indrukwekkende kloof, maar een bucolisch heuvellandschap. De eerste kilometers vormt de Wutachrivier de grens tussen Duitsland en Zwitserland. Net voorbij Grimmelshofen kom je al in een mooie groene kloof met enkele watervalletjes. Ons eerste hotelletje ligt in Blumberg, en we nemen de 876 meter hoge Buchberg er nog bij om de dag af te sluiten. 22 km op vierenhalf uur met 900 hoogtemeters, een mooie eerste dag.

Dag twee staat er 25 km wandelen op de planning. Net buiten Blumberg duiken we de Schleifenbachklamm met bijhorende waterval in. Een mooie voorbode van de diepere Wutachklamm later op de dag. Die begint net voorbij Wutachmühle. Je stapt dan al door het groenste groen, maar de wanden komen ineens een paar honderd meter omhoog. Langzaamaan wandel je een soort Jurassic Park in. Kleine houten bruggetjes, watervalletjes, een kabbelende Wutach; het is een klein paradijsje. We picknicken op een idyllische plek in de lentezon, zalig. Er zijn verschillende wandelingen doorheen deze kloof. Je kan er op een aantal plaatsen in of uit en hoeft dus niet de volledige lengte van de kloof af te leggen. Ook met kinderen kan je hier dus zeker uit de voeten.

In en uit kloven

We hadden de Wutachklamm nog verder kunnen afwandelen of uitbreiden met de Rotenbachschlucht, een andere zijkloof, maar wij kiezen ervoor om in Schattenmühle linksaf te nemen. Daar volgen we de wondermooie, korte Lotenbachklamm om terug ‘boven water’ te komen. De hele regio rond de Wutach heeft goeie busverbindingen, zodat je echt aan de ene kant de kloof induikt en op je zelfgekozen einde met de bus terugrijdt naar je startplaats. Wij springen de bus op naar Bonndorf, waar we de fietsen oppikken en de zestien kilometer naar Stühlingen fietsen. Vandaag droppen we de auto in Göschweiler, ongeveer op het punt waar we gisteren uit de kloof kwamen, en duiken opnieuw de Wutachkloof in.


Al na enkele kilometers wordt de Wutach er ofwel de Gutach (rechtsaf) of de Haslach (linksaf). Iets minder indrukwekkende kloven na die prachtige Wutachkloof, maar zeker de moeite waard. Vanaf Lenzkirch gaat de wandeling ‘bovengronds’ verder. Een zacht glooiend, groen heuvellandschap spreidt zich voor ons uit. We wandelen er richting het Schluchseemeer door oude bossen, over heuveltoppen tot toch al 1000 meter en langs prachtige weiden met schitterende vergezichten. Na ongeveer vijf uur zien we terug 25 km op de teller. Het plan was om in het dorpje Sluchsee de bus te nemen naar de auto, maar we missen nipt de laatste. Dus genieten we van een ijsje aan de oevers van het zonovergoten staalblauwe meer en nemen dan een taxi.

Met rollende banden

Ongetwijfeld konden we nog een vierde dag wandelen in de kloven rond de Wutach, maar we opteren voor een dagje mountainbiken in het Zwarte Woud. We verplaatsen ons daarvoor een halfuurtje naar het zuidwesten. Net onder de skigebieden Todtnauberg en Feldberg ligt het natuurreservaat Gletscherkessel Präg. Beboste heuvels, stevige klimmen en mooie afdalingen wachten ons op. We koppelen een vijftal toppen van tussen de 1000 en 1200 meter via een mooie route aan elkaar, en we stampen ons een dag doorheen dit stukje groen verborgen in het Zwarte Woud. De lucht is zuiver, de vogels fluiten en de banden maken dat rollende geluid waardoor je voelt dat je buiten bent. We genieten van deze verlaten omgeving en glimlachen van oor tot oor. Het waren vier schitterende dagen, dit microavontuur.

Opgelet!

De Wutachkloof is verboden voor fietsers, mountainbikers en ruiters en is niet geschikt voor kinderwagens of rolstoelgebruikers. Afhankelijk van het weer en het seizoen kunnen de wandelpaden in de kloof op sommige plaatsen glad zijn, vooral op de steile hellingen. In de wintermaanden wordt het wandelen door de kloof afgeraden.

Traag maar zeker: pendelen met de SUP

“Stand up paddleboarden” – wasdadde? De zoveelste overgewaaide hype en wellicht de traagste en minst adrenalinegeladen telg in de surffamilie misschien? Maar al na een uurtje proeven op de Amsterdamse grachten met een collega sloeg de vonk over en begonnen we te mijmeren over een meerdaags avontuur. Met het merendeel van het land onder de zeespiegel, en kanalen die zich als aders doorheen het land kronkelen, is Nederland ideaal.

Tekst & foto’s: Zeger Dox (@ziggydee)

Onze inspiratie: YouTube-avonturier Beau Miles (@beauisms), die in een van z’n video’s met een kajak naar het werk peddelt, en het duo Ella Oesterholt en Janne Smit-Van Leeuwen (@Yukon1000_supladies), die de Yukon 1000 rechtstaand ondernemen, een reis van duizend mijl stroomafwaarts op de Yukonrivier.

Ons concept? Vanuit Scheveningen pakweg 85 kilometer richting kantoor pendelen/peddelen naar Amsterdam – ook wel: The Great Lowlands Commute.

We nemen contact op met Li-An Phoa van Drinkable Rivers en een week later hebben we onder collega’s en vrienden 1000 euro ingezameld voor dit project dat strijdt om onze rivieren op te schonen. Niet ‘zuiver’ volgens vage parameters, maar letterlijk drinkbaar. Let wel: onder voorwaarde dat we maandag voor negen uur op kantoor arriveren. Zo niet, krijgen alle donors hun centen terug.

Traag reizen

Op vrijdagavond pompen we de plannen af en puzzelen we het rantsoen in onze drybags. Volgens het mantra “Go Simple, Go Slow, Go Now”, vertrekken we voor het ochtendgloren aan de Nederlandse kust. Via de Haagse kanalen via de Vliet richting Leiden. Zelfs met een zachte bries in de rug maken we geen vaart, en de geoefende wandelaar haalt ons zonder veel moeite in. We scheppen af en toe wat afval uit het water en nemen per ongeluk enkele vislijnen mee. Snelheid behoort niet tot de opties, dus we zoeken gestaag ons ritme en genieten van de weidse uitzichten.

Echt een cadans vinden lukt niet goed, want om de paar slagen moet die peddel het water uit en de andere kant er opnieuw in om koers te houden. De avond valt na een prachtige zonsondergang op het Braassemermeer en we halen de koplampen boven. Om ons doel te halen, dobberen we verder onder het maanlicht, begeleid door de basklank van een boerenfuif in de verte. De green van een golfterrein dient als kampeerplaats.

Voor dag en dauw

Voor het ochtendgloren zijn we weer uit de veren en te water. Kleine oogjes en verzuurde armen, maar vooral genieten van de mistige dauw wanneer we zondagochtend de Amstel opdraaien. We drijven aan de bruisende waterwereld van Noord-Holland voorbij, langs roeiers en een wedstrijdje kajakpolo, met op het jaagpad wielertoeristen en hobbyvissers. De stad zwelt aan langs de oevers en wanneer de avond valt, meanderen we richting centrum. We kunnen die nacht in een grachtenpand logeren en zetten maandagochtend de laatste etappes in.

De laatste kilometers zigzaggen we over de Amsterdamse kanalen, nog voor de toeristenbootjes in actie komen. Een kleine eindsprint is nog nodig om het doel te houden – en tot ons groot geluk staan enkele supporters ons aan de kade op te wachten met een zalig ontbijt.

Stipt om 08:59 komen we aan… Nipter moest het niet worden! Nog nooit zo euforisch op een maandagochtend op het werk aangekomen. Na de welverdiende high fives klappen we met brede glimlach onze laptops open. Lastig typen met blaren op je handen, dat wel.

Start2Parapente: de wolken hangen dichterbij dan je denkt

Wie heeft er op een zonnige dag tijdens zijn vakantie in de bergen nog niet vol verwondering zitten kijken naar parapenters die hoog in de lucht tussen de wolken zweven… Hoe voelt het eigenlijk om dat prachtige landschap van daarboven te bewonderen, terwijl je traag naar beneden en met de thermiek terug naar boven zweeft. Wel, de ervaring is dichterbij dan je denkt. Ook in onze contreien kan je leren vliegen en soms urenlang in de lucht hangen.

Tekst & foto’s: Bert De Vriese

Far Out sprak met Robin Lefebvre. Hij paraglidet al 16 jaar, is bestuurslid van de Belgische Vrije Vlucht Federatie (BVVF) en runt samen met zijn vrouw Hannelore de paraglidingschool Airsport vzw. We polsten hoe toegankelijk de sport is in België en welke stappen je moet zetten om zelf te leren vliegen.

Robin, hoe kwam je met parapenten in aanraking en wat overtuigde je om ermee verder te gaan?

“Zo’n twintig jaar geleden was ik met een groep vrienden een bergtop aan het beklimmen toen ik een man met een rugzak opmerkte die een stuk groter was dan die van ons. Toen wij allemaal boven waren, haalde de man z’n glider eruit en zweefde hij naar beneden, terwijl wij nog een tocht van drie uur voor de boeg hadden. In de eerste plaats hou ik van de bergen en het uitzicht dat je er hebt. Met paragliden is the sky niet langer the limit, maar ben je zo vrij als een vogel. Het is ook mentaal erg uitdagend. Je moet constant informatie analyseren om in de lucht te blijven want als je geen thermiek vindt, sta je snel terug aan de grond.”

Toegankelijk, maar weersafhankelijk

Het beeld dat je schetst, klinkt zalig. Wekt de sport soms ook frustraties bij je op?

“Parapenten is enorm weersafhankelijk en als het grijs weer is, zonder zon, kan je enorm snel terug op de grond staan. Het is en blijft ook nog steeds een risicosport. Ja, je kan heel wat risico’s uitsluiten als je de sport verstandig beoefent. Maar wanneer je van A naar Z vliegt in plaats van A naar B en vervolgens naar C, gebeuren er vroeg of laat ongelukken. In de eerste plaats wordt de cowboy in kwestie afgestraft, maar met zijn gedrag geeft hij alle parapenters een slechte naam.”

Is de sport toegankelijk voor het grote publiek?

“Het is de goedkoopste, gemakkelijkste en snelste manier om te leren vliegen, maar je kan het niet op een halfuurtje leren. Je hebt (Red.: om te kunnen solo parapenten) drie à vier dagen training nodig om 15 seconden 2 tot 3 meter van de grond te zweven van een trainingsheuvel. Pas als je dat goed onder controle hebt, ben je klaar voor het echte werk in de Alpen.”

Staat er een minimumleeftijd op paragliding?

“Er is geen wettelijke limiet, maar met onze school nemen we 15 jaar als guideline. Tijdens het oefenen op de grond evalueren we natuurlijk ook hoe goed iemand luistert. Als er geen wederzijds vertrouwen is, neem ik iemand niet mee naar de bergen want veiligheid komt altijd op de eerste plaats. Je kan je geen risico’s veroorloven.”

Weinig foutenmarge

Kan je de sport ook in België beoefenen?

“Absoluut. In België kan je perfect vliegen. De meeste sites liggen in de Ardennen, maar ook daar vliegen we met de thermiek tot tegen de wolken. Het record voor de langste vlucht in België staat op 400 kilometer. Maar eigenlijk heb je om in België te vliegen veel ervaring nodig. De start- en landingsplaatsen zijn hier heel klein waardoor de piloten weinig foutenmarge hebben. In de Alpen zijn die sites zeker vijf tot tien keer groter.”

Ik heb ook al paragliders aan zee over de duinen zien vliegen?

“Dat heet soaring. De piloten halen daar lift door de wind die op de duinen slaat. Ze sturen door heen en weer te zweven, maar het moeilijkste is de start. Door de luchthaven van Oostende kunnen we het niet zomaar overal doen aan de onze kust en moeten wij vrijvliegers rekening houden met een zeer specifieke regelgeving.”

Goed om weten

Is parapenten een dure sport?

“Het is goedkoper dan skiën, maar duurder dan fietsen. Een lokale dagopleiding kost 100 euro en hoe lang je erover doet om de sport te leren, hangt volledig af van hoe snel jij vordering maakt. Het is de enige outdoorsport waar je – theoretisch althans – geen uitstekende conditie voor nodig hebt, maar de ervaring leert me dat iemand van
15 jaar oud al na twaalf à vijftien dagen zelfstandig kan vliegen terwijl iemand van 70 jaar er zo’n dertig à veertig dagen kan over doen.”

Zijn de parapentescholen in ons land overal te vinden of voornamelijk in de Ardennen?

“In België zijn er zeven of acht scholen en die liggen over het hele land verspreid. De locatie is irrelevant en leshellingen zijn er genoeg. Maar je bent zodanig van de meteorologie afhankelijk dat je moet bereid zijn om je voor het echte werk te verplaatsen in een straal van 1200 kilometer. Om de sport te beoefenen en te leren, moet je erg flexibel kunnen zijn.”

Heb je tips voor de lezers die geprikkeld zijn om ook aan de sport te beginnen?

“Neem contact op met een school die erkend is door de federatie (Red.: je vindt een lijstje op bvvf.be). Zo kan je veilig een opleiding volgen en onder begeleiding van je eerste bergen zweven. Bij de meeste scholen kan je een duovlucht boeken of een basisopleiding volgen. Maar pas op, want het is een enorm verslavende sport. Het is onmogelijk om verzadigd te geraken en je kan er altijd in blijven doorgroeien.”

Vakjargon voor parapenters

  • Ploef: vertrekkend vanaf een heuvel direct naar je landingsplaats glijden, zonder gebruik te maken van stijgwind of thermiek.
  • 3-6 of 360: het draaien van een volledige cirkel.
  • Wingover: afwisselend scherpe linker- en rechterbochten maken, zodat je boven de tip of boven het midden van je scherm uitkomt.
  • Loef en lij: de voor- (loef) en achterkant (lij) van een berg ten opzichte van de wind.
  • Wasmachine: rolwind aan de achterkand van een berg of zeer turbulente lucht.

Interview met Belgisch klimtalent Hannes Van Duysen

Er staat een nieuwe generatie Belgisch klimtalent aan de deur te trappelen, waaronder Hannes Van Duysen (18), uit het Oost-Vlaamse Vinderhoute. Afgelopen zomer werd hij voor het tweede jaar op rij Wereldkampioen Boulder U20, na een paar maand eerder al te zijn gaan lopen met de hoogste podiumplekken in de Continental Youth Cup voor zowel lead als boulder. Wat brengt dit seizoen?!

Foto’s: Slobodan Miskovic

Hannes, hoe ben je eigenlijk met klimmen begonnen en wanneer werd je talent duidelijk?

“Op mijn zevende deed ik aan voetbal en turnen, tot mijn ouders me voor mijn verjaardag een keer meenamen naar de klimzaal. Ik zat toen al op de topsportschool in Gent, maar hing daar te veel in de touwen. Klimmen vond ik te leuk. Twee jaar later deed ik mijn eerste wedstrijd mee, dat was in Klimax in Puurs. Tot ieders verbazing won ik nog ook. Mijn opa is toen gaan opzoeken om wat voor wedstrijd het eigenlijk ging. Bleek dat het een beker van België was en dat er nog twee manches volgden. Ook daar ging het klimmen me goed af.”

Hoe voelt het om al een rits indrukwekkende (wereld)titels op je palmares te hebben staan?

“In België is klimmen nog niet zo bekend als in andere landen, waar ze al veel verder zijn in trainingen en er heel goede klimzalen zijn. Uiteraard ben ik enorm blij met mijn ‘hoogste’ titel op het moment: Wereldkampioen bij de Jeugd. Dat is echt een beloning voor al dat harde werk. Ik wist dat ik progressie aan het maken was en dan die Wereldbeker, twee jaar op rij. Dat geeft een goed gevoel voor het komend seizoen. Ook de Olympische Spelen in Parijs in 2024 zijn niet meer zo ver weg!”

Wat staat er zoal op je trainingsprogramma?

“Ik klim een keer of vier-vijf per week. De focus ligt dan vooral op techniek, dal en coördinatie. Daarnaast doe ik puur fysieke (interval)trainingen. Komt er een wedstrijd aan, dan train ik heel wedstrijdspecifiek. Verder doe ik ook aan krachttraining (in de fitness), ga ik een keer per maand naar de sportpsycholoog, twee keer per week naar de kine, en probeer ik een à twee keer per week te lopen. Ook stretch- en mobiliteitsoefeningen horen standaard in mijn schema.”

Hoe combineer je topsport met je studies en je sociale leven?

“In het middelbaar was dat wat puzzelen (voor sportklimmen bestaat er (nog) geen topsportschool). Maar ondertussen studeer ik aan de VUB, waar er een heel goed systeem bestaat voor studenten met een topsportstatuut. Zo kan ik mijn examens verplaatsen en verplichte lessen later inhalen. De tweede examenperiode is wel lastig, die valt namelijk middenin het wedstrijdseizoen. Ik denk dat het vooral zal aankomen op goed plannen en de nodige discipline aan de dag leggen. Sociaal weten mijn vrienden dat er momenteel niks boven klimmen komt. Maar als er een gaatje is en het past binnen mijn trainingen, dan probeer ik uiteraard wel met ze af te spreken.”

Wat is je favoriete buitenlocatie om te klimmen?

“Ik trek geregeld en graag naar Fontainebleau, omdat dit het dichtstbijzijnde klimgebied is, op net geen vier uur rijden van Brussel. In de bossen rond Fontainbleau liggen meerdere bouldergebieden verscholen, met honderden routes voor elk niveau klimmer. Dan trommel ik een paar vrienden op en weg zijn we voor een weekend. Verder klim ik graag in Zwitserland. Er zijn veel fijne bouldergebieden: Magic Wood, Brione, het Gotthard-gebied, Bavona, Blattiswald… Je vindt er van alles wat, van pakweg niveau 4 à 5A tot 8C+ en hoger. Wat lead betreft trek ik eerder naar Spanje, naar Siurana en Margalef.”

Wat was, tot nu toe, je meest waanzinnige klimervaring ooit?

“Toch wel het EK in München omdat het een van de eerste keren dat we in een zo groot sportevenement ons EK hebben. Er waren echt heel veel mensen, de sfeer was geweldig en ik heb, zo vond ik toch van mezelf, heel goed geklommen. Ik vond het heel leuk hoe al die mensen je ook bleven aanmoedigen.”

Welke klimambities koester je voor de komende vijf jaar?

“Eerst en vooral hoop ik uiteraard de Spelen in Parijs te halen en in aanloop daarvan goed te scoren op onder andere het WK in Bern. Verder hoop ik de komende twee jaar door te stoten in de volwassen categorieën en ook daar podiums te beginnen klimmen.”

Heb je nog tips voor aanstormend klimtalent?

“Klimmen is een zeer technische en complexe sport. Fysiek moet je kracht, uithoudingsvermogen en een zekere lenigheid hebben, maar verder is ook bewegingsinzicht belangrijk, de precisie van voetenplaatsing, psychische factoren zoals angst en nervositeit. Ik zou zeker zeggen: hoe meer je gaat klimmen, hoe beter je uiteindelijk gaat worden. Je moet gewoon zoveel mogelijk klimmen om steeds beter door te hebben hoe je beweegt, om je spierherinnering te trainen, etc.”

Tot slot nog een bedankje?

“Aan mijn ouders om me overal naartoe te rijden. Zo zijn ze toen ik jong was eens helemaal naar Oostenrijk gereden voor twee dagen wedstrijden. En aan mijn opa, voor zijn steun en voor het onderhouden van mijn fanpagina op Facebook.”

Klimmen, een Olympische Sport

Op de Olympische Spelen van 2021 kregen we al een voorsmaakje van hoe sportklimmen op topniveau eruitziet. Daar maakte sportklimmen haar debuut in een gecombineerde format bestaande uit drie disciplines: Lead, Boulder en Speed. In 2024 zal klimmen opnieuw op het Olympisch toneel verschijnen tijdens de Spelen in Parijs. Ditmaal voorziet de organisatie een extra set medailles voor de speedklimmers. De disciplines Boulder en Lead worden opnieuw samengevoegd.

De wonderlijke wereld van Wadi el Gemal in Egypte

We reizen af naar natuurpark Wadi el Gemal aan de Rode Zee in Egypte. De naam betekent letterlijk ‘de vallei der kamelen’. Hier vind je geen massatoerisme, maar rust, ruimte en een zeer afwisselend landschap. Van mangrovebossen tot zandduinen, en van koraalriffen tot bergtoppen. Een interessante streek die we snel beter leren kennen dankzij enkele verrassende outdooractiviteiten.

Wadi el Gemal is een officieel nationaal park sinds 2003 en is vernoemd naar het grootste droogdal van Oost-Egypte. Het park is bijna 7500 km2 groot en ligt ruwweg tussen de Nijl en de Rode Zee, net ten zuiden van Marsa Alam. Het park bestaat uit een land- en zeegedeelte.
Het landgedeelte strekt zich uit langs de Wadi el Gemal, een droge vallei die de bedding van een oude rivier volgt die 15 000 jaar geleden net ten zuiden van Gorgonia Beach Resort in de Rode Zee uitmondde. Het landschap is er gevarieerd. Bergachtig met als hoogste top de Gebel Hamata (1975 m). Maar ook uitgestrekt, met zandvlaktes waar de fauna en flora zich door de eeuwen heen aangepast hebben aan de droge leefomgeving. Het zeegedeelte van het nationaal park volgt dan weer de kustlijn van ongeveer 120 km en bevat kleurrijke koraalriffen, enkele onbewoonde eilandjes en mangrovebossen. Het park is ook de thuisbasis van de Ababda, een bedoeïenenstam die al eeuwenlang rondtrekt door deze streek en nu een graantje meepikt van het toerisme.

De Ababda

Al sinds oude tijden leven de Ababda in de streek van Wadi el Gemal.
Deze bedoeïenenstam bestaat uit herders, kameelhouders, vissers en gidsen.
De Ababda hebben hun eigen kennis, cultuur en tradities door de eeuwen heen goed behouden en delen deze nu met toeristen.

Ontwikkeling ecotoerisme

In 2008 opende Gorgonia Beach Resort de deuren. Ze zijn eigenaar van een stuk land in het nationaal park en tevens medeoprichter van de ngo Abu Ghosoun (abughosoun.org). Deze organisatie zet allerlei projecten op touw om de lokale Ababdabevolking actief te betrekken en hun levensstandaard te verbeteren. Zo krijgen jonge Ababda bijvoorbeeld Engelse les en training, zodat ze bezoekers kunnen begeleiden bij de ontdekking van hun leefgebied.
Johannes Girardi (vertegenwoordiger van het resort) legt uit dat samenwerking met de lokale bewoners erg belangrijk is. Ze hebben ook in overleg afgesproken dat het resort hier kon komen in 2008. De bewoners en lokale vissers profiteren mee van het toerisme door hun kennis- en ervaring van het leven in de woestijn dan wel de zee- en onderwaterwereld te delen.

© Gianni Bodini

Enthousiast wijst Johannes naar de kleurrijke vloerkleden in de ontvangstruimte. “Dit zijn handgemaakte tapijten. De vrouwen uit de streek verkopen ze aan het resort en hebben zo een bron van inkomsten. Maar er zijn ook bijenvolkeren naar hier gebracht om honing van onder meer acaciabomen te kunnen aanbieden aan de gasten van het resort. Dat is duurzaam en lokaal – net als onze eigen tijdzone, het is in ons resort namelijk een uur later dan in de rest van de streek – zo leven onze gasten meer met het daglicht en kunnen zo optimaal van hun vakantiedag genieten.”

Sunrise hike naar de top van El Talayee

In de vroege ochtend, het is nog donker, wandelen we vanuit het resort onder begeleiding van een Ababdagids de woestijn in. Zonder zaklamp, maar we zien net genoeg door de langzaam lichter wordende hemel. In het begin lopen we over een uitgestrekte vlakte, maar daarna moeten we goed opletten wanneer we al kronkelend door enkele kloven onze weg omhoog zoeken. Vlak voor de laatste klim naar de top zien we al een klein stukje van de zon boven de Rode Zee uitsteken.

We zetten de pas erin en proberen de top van El Talayee te bereiken voor zonsopgang. El Talayee is een iconische heuvel van 160 meter hoog met ver zicht over de vlakke kuststreek. Van hier controleerden de Ababda eeuwenlang de streek. Het is ons net niet gelukt om op tijd de top te bereiken, de laatste klim duurde net iets langer en de zon kwam sneller op dan gedacht. Desalniettemin is het panoramazicht vanaf de top prachtig. We kijken uit over de Rode Zee en de groene oase van het Gorgoniaresort, en zijn onder de indruk. In stilte genieten we van de valleien van Wadi el Gemal waar de opkomende zon een spel speelt met de schaduwen van de bergen.

Event of a lifetime

Op zondag 2 augustus 2027 ligt Wadi el Gemal precies in de baan van de zon wanneer de maan zorgt voor de langste zonsverduistering tot het jaar 2114. Een unieke zonsverduistering die maar liefst 6 minuten en 23 seconden duurt.

Fietsen in de woestijn

Vanaf de bikeshop op het resort zetten we koers naar de open vlakte van Wadi el Gemal. UCI-testrider Andrea uit Padova is vandaag onze gids (Red.: UCI is de Internationale Wielerunie). Hij toont ons de mooiste plekken onderweg. We maken een paar foto’s bij een uitzichtpunt, drinken echte Ababdakoffie met gember en stoppen midden in de woestijn bij een lokaal museum dat ons meer inzicht geeft in de lokale tradities.
Het licht golvend terrein is niet technisch en voor iedereen goed te doen. De ondergrond is eigenlijk ook goed te doen op een gravelbike. Maar vandaag zitten we op heerlijk lopende e-mountainbikes. Ze zijn perfect voor het terrein en maken de woestijn toegankelijk voor iedereen. Dankzij de elektrische fiets is onze actieradius ook groter en kunnen we optimaal genieten van de omgeving. Wat mij betreft een van de mooiste manieren om de streek te verkennen, een aanrader!

Naar de smaragdmijnen en de tempel van Sikait

Vandaag brengt een 4×4 jeep ons diep de binnenlanden in. Vanaf de oude rivierdelta net ten zuiden van het resort rijdt onze Ababdachauffeur stroomopwaarts richting Wadi Umm Kabo – een oude smaragdmijn. We treffen er een kleine archeologische site, waar ons verteld wordt hoe de waardevolle grondstof eeuwenlang gewonnen werd uit diepe schachten.

We rijden verder richting het eindpunt van onze tocht, de tempels van Sikait. Rond de grote tempel zien we tientallen ruïnes van oude woningen, verderop zijn er voormalige smaragdmijnen – misschien zelfs de oudste smaragdmijnen ter wereld. Het doet denken aan een miniversie van Petra in Jordanië, maar nog zonder massatoerisme. De kleine tempel van Sikait ligt iets verder. Je vraagt je het toch af: hoe hebben mensen hier vroeger kunnen overleven in dit droge klimaat?

Wandelen door geschiedenis

Gianni Bodini, fotograaf en auteur van verschillende berg- en natuurboeken, is onze gids vandaag. Hij kent deze vallei erg goed, en vertelt dat er in Wadi Sikait nog steeds opgravingen plaatsvinden. Als je hier een gat graaft, heb je een grote kans dat je iets vindt; je wandelt hier door de geschiedenis. Her en der liggen na duizenden jaren nog steeds keramieken scherven van de oorspronkelijk bewoners. (Red.: een van de allereerste gebruiken van keramiek gaat terug tot zeker 8000 voor Christus in het oude Egypte.)
Sinds die tijd loopt er een oude handelsroute van de Romeinen door de streek. Vanaf de oude Romeinse haven Berenice volgt de route de vallei der kamelen richting de oevers van de Nijl. Dit was voor de komst van het Suezkanaal de beste manier om vanuit Azië richting Middellandse zee te reizen.

© Gianni Bodini

El Qulaan en zijn mangroven

Marine bioloog Islam El Sadek begeleidt ons vandaag tijdens een bezoek aan El Qulaan, een kleine vissersnederzetting van de Ababda. De houten vissershuisjes staan aan de rand van een natuurlijke baai omringd door mangroven. Dankzij het kleinschalig toerisme kunnen de visserskinderen iets bijverdienen met de verkoop van kettingen en lekkere thee.
Aan een steile wand wijst Islam ons op de versteende koraalstukken in de grond. Duizenden jaren geleden was hier een (sub)tropische koraalzee. Al wandelend rond de baai valt ons de witte zoutaanslag op de bladeren van de mangroven op. Beetje bij beetje zorgen de mangroven, met hun kenmerkende omhoogstekende wortels, ervoor dat de baai langzaam verzandt. Zo voorkomen ze overstromingen.

De kleurrijke onderwaterwereld

Home sweet home… duiken of snorkelen rond het huisrif van Gorgonia Beach Resort is een weldaad voor het oog. Vanaf de eigen pier van het resort duik je zo de rijke onderwaterwereld van de Rode Zee in. Hier kun je verschillende koraalsoorten bewonderen, waaronder de Gorgonia die ook in het resortlogo en de naam van het resort is verwerkt. We houden onze ogen goed open, want er zwemmen allerlei soorten vissen voorbij, in de meest uiteenlopende kleurcombinaties. Met een beetje geluk zie je zelfs schildpadden of een grazende Doejong (zeekoe) op het huisrif. Vanuit het resort vertrekken ook bootexcursies naar verschillende duikspots, waarbij je met een beetje geluk tussen de dolfijnen zwemt. Een onvergetelijke ervaring.

© Francesco Tomasinelli

Informatie over het duurzaamheidsproject van Gorgonia Beach Resort vind je op:
gorgoniabeach.com/en/sustainability

Meer informatie over Wadi el Gemal en excursies vind je hier:
gorgoniabeach.com/en/wadi-el-gemal

 

Borneo met tieners

Het is een bestemming die al lang op de bucketlist van manlief stond. Anderhalf decennium zo waar. Eerst verhuisden we onverwacht naar de andere kant van de aardbol (de reisgids van Borneo hadden we zelfs al aangeschaft), vervolgens kwam onze tweeling eraan, toen verscheen Covid op het toneel en voor we het wisten was het 2023 en onze tweeling 13. Een ideale leeftijd voor een avontuurlijke outdoorvakantie in Borneo met tieners.

Foto’s: fam. Burgmans-Gyles, tenzij anders vermeld

Ons oorspronkelijke plan was om Sabah te bezoeken, in het noordoosten van Borneo. Tot een vriendin die in het onafhankelijk sultanaat-staatje Brunei was opgegroeid ons op die tweede Maleisische staat wees: Sarawak, ‘het land van de neushoornvogels’ in het noordwesten van Borneo. Groter dan Sabah (124 450 km2 tegenover 73 904 km2), dunner bevolkt (22 mensen/km2 versus 46 mensen/km2) en nog vrij onontdekt. Toen we na wat opzoekwerk uitvonden dat we zouden vliegen op de ‘kattenstad’ Kuching en dat dit een prima uitvalsbasis is om enkele van Borneo’s beste nationale parken te verkennen, was de beslissing snel gemaakt.

Een mengelmoes van culturen

Aangekomen in Kuching valt de mengelmoes aan culturen meteen op. Draai de hoek om en je botst tegen een kleurrijke Chinese tempel, terwijl verderop een muezzin vijf keer per dag tot gebed oproept. Dit terwijl de Iban of Zee-Dayaks hier eigenlijk de grootste bevolkingsgroep vormen. Zij werden door de lokalen panjamon (koppensnellers) genoemd. Blijkbaar was het tot halverwege de 20ste eeuw niet ongebruikelijk om een vijand te onthoofden, de schedel te bewaren en een pluk haar aan het heft van je mes of parang te bevestigen als trofee… In totaal zijn er tientallen etnische groepen, waaronder de Bidayuh, Orang Ulu, Kayan, Kelabit, Melanau en Penan.

Een uitstekende plek om je ontdekkingsreis te starten, is het nieuwe Borneo Cultures Museum. Trek meteen een dag uit om in de indrukwekkende collecties verdeeld over vijf verdiepingen te duiken. Je leert er meer over de stammen, longhouses, medicijnmannen en lokale gebruiken. En over de witte radja’s, een dynastieke monarchie van de Britse familie Brooke die van 1841 tot 1946 over Sarawak regeerde. Twee andere niet te missen musea zijn het openluchtmuseum Sarawak Cultural Village, op ongeveer drie kwartier van Kuching, en het kattenmuseum. Klinkt als iets voor de kinderen, maar eerlijk, het is ook voor volwassenen interessant.

Werelderfgoed Gunung Mulu

We starten het avontuurlijke deel van onze reis in het noordelijkste puntje van Sarawak. Met een propellervliegtuig vliegen we over de uitgestrekte jungle naar Mulu, een dorp waar je niet over een weg (tenzij een waterweg) heen kan. Het plan: de komende week een machtig stukje Unesco Werelderfgoed verkennen, namelijk het nationaal park Gunung Mulu. Aangekomen in onze B&B, Benarat Lodge, vullen we meteen onze drinkflessen voor de Paku Valley Loop. Dit is een van de weinige wandelingen die je (na je naam en vertrektijd op een whiteboard te hebben geschreven) zonder gids mag lopen. Wifi is er niet in de lodge en elektriciteit alleen als de generator aanstaat tussen 6 en 11pm, wat maakt dat de kinderen niet eens protesteren.

Twintig minuten de wandeling in, kruist een jonge jagende Berawan ons pad, halfnaakt en met zijn blaaspijp in de hand. Het uiteinde van de dart is in gif gedoopt, meestal afkomstig van een oepasboom en in seconden fataal. We passeren hem stomverbaasd en zwijgend, ook de kinderen zeggen niets. De jungle is dik, met vreemde planten en al even vreemde insecten. Dik anderhalf uur later komen we aan bij de Pakuwaterval, een prachtige plek waar
de vissen tussen je benen door zwemmen. De Canopy Walkway – de langste boomtoppenwandeling ter wereld! – is jammer genoeg gesloten voor onderhoud en de uitkijktoren ook. Elk voordeel heeft duidelijk zijn nadeel; reizen in het laagseizoen is heerlijk rustig, maar betekent ook dat je flexibel moet zijn.

Hoger en meer

Moesten onze kinderen ouder zijn, dan hadden we zeker de gegidste trek van drie dagen naar de top van de Pinnacles gedaan. De minimumleeftijd hiervoor is 16 jaar en je moet alle materiaal en eten zelf dragen. Je start met een jungletrek naar Camp 5, waar je in een koude rivier kan bekomen van de tocht. De volgende ochtend vertrek je bij zonsopgang naar de mini-Pinnacles. Vervolgens wacht het zwaarste deel: een ontzettend steile klim van een paar uur over 16 ladders en scherpe rotsen.

Zandsteenformaties en gigantisch grotten

In Gunung Mulu stelen de zandsteenformaties tot 2376 meter hoogte en indrukwekkende grotten de show. Er zijn er slechts vier toegankelijk voor het publiek en dit enkel met een gids: Deer Cave, Lang Cave, Clearwater Cave en Wind Cave. Deer Cave is de grootste grot ter wereld. Hij is even hoog als breed (120 m) en meer dan twee kilometer lang. Wanneer de avond valt, verlaten miljoenen vleermuizen de grot, naar verluidt een indrukwekkend schouwspel. Alleen jammer dat ze zich de avond dat we hen opwachten in een indrukwekkend amfitheater van natuur en rotsen niet laten zien. De extra bonus vandaag is de interessante nachtwandeling naar de uitgang van het park, wanneer andere dieren ontwaken.

De volgende dag staat Clearwater Cave op het programma. Doorheen een doolhof van gangen stroomt een ondergrondse rivier die midden in de jungle uitmondt in een kristalheldere poel: ideaal voor een verfrissende duik of – in mijn geval – om in te springen als je allergisch bent voor wespen en er door enkele achterna wordt gezeten. Canyoning kan je hier ook doen, maar we voelen er geen van allen iets voor om ons in het pikkedonker door de soms erg nauwe gangen te wurmen. Bovendien hebben we al
200 oneven trappen in de kuiten zitten, dus zeker voor onze tieners is zwemmen en luieren voor de rest van de namiddag genoeg.

“Borneo was ontzettend mooi! Ik vond het geweldig om zoveel verschillende dieren te zien die je nergens anders op aarde vindt. Het lekkere eten en de kookworkshop voor een dag (met bezoek aan de lokale markt) waren ook geweldig. Mijn favoriete deel van Borneo was Mulu, een erg afgelegen nationaal park met veel groen, grotten, watervallen en erg aardige mensen. Deze vakantie in Borneo was geweldig en ontspannend. Ik zou er 100% weer heen gaan.” – Sem, 13 jaar

Op zoek naar orang-oetans

De reden waarom Borneo op de bucketlist stond, zijn de orang-oetans en het feit dat je ze in Sarawak nog in het wild kan zien. Vanuit Kuching heb je drie opties. Wil je kans maken om deze mensapen echt in het wild te zien, zorg dan dat je drie à vijf dagen tijd hebt voor Batang Ai National Park, zo’n 250 km ten oosten van Kuching. Onderweg kan je overnachten in traditionele longhouses en kennismaken met de Iban. Je gaat echt back to basics, maar daar krijg je een authentieke jungle-ervaring voor terug. In het park zelf leven behalve orang-oetans ook neushoornvogels, wilde zwijnen, herten en diverse andere apensoorten.

Een tweede optie is een dag doorbrengen in het Matang Wildlife Center, in Kubah National Park, op drie kwartier rijden van Kuching. Voor Covid kon je hier deelnemen aan het Heart2Heart-programma en een dag meelopen met de verzorgers. Dit leek ons fantastisch, maar het centrum blijkt gesloten te zijn. Voor onderhoud, tijdelijk, permanent? Geen idee…

Rest ons de derde optie: Semenggoh Wildlife Center, op een halfuurtje van Kuching. Op hun Facebookpagina houden verzorgers bij welke apen zich wanneer laten zien. Het is immers fruitseizoen en dan vinden de apen voldoende voedsel in de jungle. Maar we hebben geluk: eerst komt Saddamiah enkele bananen halen en vervolgens laat Sigat zich zien. En dan staat de  27 jaar oude Edwin plots op het platform, hij is voorlopig nog de baas, maar blijkbaar trachten een aantal mannetjes hem van de troon te stoten.

Krokodillen in de Zuid-Chinese Zee

Andere bijzondere apensoorten vind je in Bako National Park, het oudste en een van de kleinste nationale parken van Sarawak, op  37 km van Kuching. Prima voor een daguitstap, maar als je meer tijd hebt, reserveer dan tijdig een van de eenvoudige lodges in het park. De laatste boot terug over de pittoreske Santubongrivier vertrekt namelijk al rond 14 à 15 uur waardoor je niet veel tijd hebt voor de fantastische hikes. Uitstappen uit de boot, doe je ‘op eigen risico’, vertelt een bordje ons. In de warme Zuid-Chinese zee leven namelijk krokodillen en een aanlegsteiger is er niet…

We zijn nauwelijks vijf minuten aan land of we spotten hoog in de bomen al een neusaap (proboscis). Wat een bijzonder grappig dier! Er zijn in totaal 18 bewegwijzerde wandelingen van een paar honderd meter tot een zestal kilometer. Maar vergis je niet, want het zijn echte jungletochten aan 1,5 km/uur. De flora is bijzonder afwisselend en onderweg krijg je neusapen, baardzwijnen, enorme varanen en stoute makaken te zien. De kustlijn zelf is bezaaid met prachtige inhammen en vreemde rotsformaties. Een prachtig park, met een minder vaarwel toen een mannetjesmakaak agressief uithaalde naar dochter- en manlief. Blijkbaar kruisten we onbewust de brug over de mangroven toen papamakaak al aan de andere kant was, maar zijn familie nog niet.

© Sarawak Tourism Board

Stinkbloemen in het park

De stinkbloem in de Plantentuin in Meise is niet de enige reuzenbloem die honderden bezoekers trekt. In het nationaal park Gunung Gading bloeit de Rafflesia, een parasitaire bloemplant die bekendstaat als de grootste bloem op aarde. Hij heeft vijf rode bloembladen en een diameter tot wel een meter. Een nieuwe bloem doet er ongeveer 9 maanden over om zich te ontwikkelen en bloeit vervolgens vier tot zeven dagen. Vol spanning houd ik de Facebookpagina van het park in de gaten. Chinees nieuwjaar komt en gaat, en onze vertrekdatum nadert, maar de dikke knop van vorige week is nog steeds geen bloem.

Wandelen kan je in het park ook, dus besluiten we het erop te wagen. Onderweg passeren we het stadje Lundu, waar je prima kan blijven om de watervallen, warmwaterbronnen, stranden en natuurparken in die hoek van Sarawak te bekijken. Onderweg is het al flink beginnen regenen. Blijkbaar hebben we de afgelopen weken geluk gehad, met hooguit een flinke stortbui per dag en verder flink wat zon. De paden in het park zijn glad en de twee watervallen waar je normaal kan zwemmen, hebben zich vandaag ontpopt tot wildwaterrivieren. Dus nee, geen stinkbloem en ook geen zwempartijen vandaag, maar wel een prachtige wandeldag als afsluiter – op de eerste en enige bloedzuiger van de vakantie na.

Borneo had landschappen die foto’s niet konden vastleggen.
Zo mooi! net als de herinneringen die we hebben gemaakt. Om nog maar te zwijgen over het eten! De drukke straten waren mijn favoriet. Al die aroma’s van superlekkere gerechten, kruiden en vers fruit die de lucht vulden… Het enige wat ik niet leuk vond,
is getuige zijn van een gigantische duizendpoot langer dan mijn voet over me heen kroop tijdens de tropische wandeling in Mulu. En de geur van guano oftewel vleermuispoep.
– Hanna, 13 jaar

Vergeet dit zeker niet!

  • Lichte regenjas en -broek voor onverwachte buien.
  • Muggenspray en anti-jeuk.
  • Dicht geweven voetbalsokken of anti-bloedzuigersokken.
  • Lichtgewicht droogzakken.
  • Waterfles of waterzak en een compacte waterfilter.
  • Lichte, waterdichte trekkingschoenen met veel grip.
  • Het is het hele jaar door tropisch vochtig en warm.
  • Een goede zak- of hoofdlamp voor nachtelijke jungletochten.
  • Waterschoenen voor kajaktochten en trekkings langs en door rivieren.
  • Lichte slaapzak en een muskietennet voor meerdaagse tochten.

13 Belgen steken 2de hoogste plateau over met ski en slee

0

13 Belgen zetten een unieke prestatie neer door het tweede hoogste plateau ter wereld – de Deosai Plains – over te steken met ski en slee. Het team was zes dagen volledig op zichzelf aangewezen en moest 70 km overbruggen in extreem lage temperaturen maar de sneeuwcondities waren perfect. Vier dames zijn daarbij de eerste ooit om dit avontuur te verwezenlijken waarbij de jongste telg maar 22 jaar op haar teller heeft staan. 

10 maart vertrok het team naar de noordelijke regio van Pakistan; Gilgit-Baltistan. Deze regio is bij de bergbeklimmers bekend voor de werelds hoogste berggebieden zoals Killer mountain Nanga Parbat en K2, maar trekt nu ook avonturiers aan die het hoogstgelegen natuurpark Deosai (gemiddelde hoogte 4110m) wensen te ontdekken. Dit park biedt een veilige thuishaven voor oa. Himalaya bruine beer, de sneeuwluipaard en de Himalaya wolf die ze in levenden lijve te zien kregen. 

Van zonsopgang tot zonsondergang trokken ze hun slee verder met alles wat ze nodig hadden om te overleven in dit desolaat maar wondermooi landschap.  Dankzij satelliet navigatie konden ze de route niet verliezen en kon het thuisfront hun vorderingen volgen. Coach Sofie Lenaerts, die het team op de voet volgde, gaf de meteo en de sneeuwcondities door, en kwam hun tegemoet op de voorlaatste dag van het avontuur om hun naar de bewoonde wereld te begeleiden.  

Warm was het ontvangst van de lokale bevolking bij start en aankomst met een ceremonie in het gezelschap van de Minister van Toerisme Raja Nasir Abdullah en de Alpine Vereeniging Sadpara.  Deze verwezenlijking bleef dan ook niet onopgemerkt en werd meermaals opgepikt door de Pakistaanse media. 

Dit avontuur was het resultaat van maandenlange voorbereidingen en trainingen zoals hoogte-training, indoor ski met slee, strandtrainingen met autobanden en Urban trainingen met rugzak op Montagne de Bueren.  Deze trainingen sterkten eveneens de groepsgeest en teamwork aan die onontbeerlijk bleek te zijn om dit avontuur een succes te maken.  

De teamleden komen uit West-Vlaanderen (1) Oost-Vlaanderen (5) Vlaams-Brabant (7) en Antwerpen (1). Hier lees je hun uitgebreider verhaal: https://blog.fisiotics.be

Product in de kijker: Teva Terra Fi Lite – Slimme sandalen!

Je komt ze niet vaak tegen, performance sandalen die er superleuk uitzien en zowat elk buitenavontuur aankunnen dat je ze voor de voeten gooit. Vandaar onze vraag: wat maakt de nieuwe Terra Fi Lite van Teva zo bijzonder?

De Terra Fi Lite ziet er op het eerste zicht uit zoals we van een outdoorsandaal van Teva verwachten: stevig en robuust, een zool met veel grip, comfortabele bandjes en een ergonomisch voetbed. Nemen we elk onderdeel onder de loep dan snap je hoe doorontwikkeld de sandaal eigenlijk is.

Bandjes van gerecycleerd polyester

Ja, de bandjes zijn comfortabel, want voorzien van een zachte voering met ademend mesh. Maar ze zijn ook nog eens gemaakt van sneldrogende Repreve-garens van Unifi. Voor de productie van dit gerecycleerd polyestergaren is 50% minder water en 25% minder energie nodig. Tegelijkertijd voorkomt het dat afval op stortplaatsen terechtkomt, tot wel vier plastic flessen per sandaal!

Perfect af te stellen

Meerdere verstelpunten zorgen ervoor dat je de sandaal perfect kan afstellen. Met de eenvoudige klittenbandsluiting trek je de sandaal bovendien makkelijk uit en aan. Aan de uiteinden zit tevens een slim vormgegeven greepje zodat je de klittenbandsluiting in een nanoseconde vastpakt.

Comfortabel en ergonomisch

En oh, wat is het een feest om ermee rond te struinen. In de hiel zit namelijk een dempende Shoc Pad, die schokken absorbeert. De middenzool is dan weer van EVA-foam, voor lichtgewicht demping, terwijl de nylon tussenzool je voet stabiliseert en ondersteunt op onregelmatig terrein.

Robuust en gripvast

Wateractiviteiten, lichte hikes, korte dan wel langere wandelingen… De robuuste Spider
Rubber-buitenzool vindt ze allemaal even fijn. Deze stevige zool is extreem duurzaam en biedt goed grip, zelfs op die lastige rotsen of bij het in en uitstappen van je kano of boot.

Geen nare geurtjes

Een welkome extra is dat het materiaal van de sandaal is behandeld met Life Naturals, een op verantwoorde wijze verkregen antimicrobiële stof op basis van pepermunt die de groei van geurveroorzakende bacteriën tegengaat.

De Teva Terra Fi Lite (M/V) is verkrijgbaar via teva.eu en bij je lokale outdoorspecialist.

Prijs: € 90.

Hou je materiaal droog! Met deze dry bags van Sea-to-Summit

Een item dat absoluut niet in je paklijst mag ontbreken, wil je je materiaal goed beschermen en gelijk droog houden, is een dry bag. Want of je nu gaat hiken, bikepacken, kamperen of kajakken, als er water of regen op je pad komt, maakt zo’n droogzak het verschil. Organiseer je spullen, hou ze droog, vind alles makkelijk terug en… Geniet van de outdoors!

Sea to Summit is al een jaar of veertig beste maatjes met buitenavonturiers. Slim, compact en licht is de rode draad doorheen hun collecties, terwijl hun liefde voor de outdoors en een streven naar designperfectie innovatie drijft. Daarom vind je hun spullen overal in de rugzakken van reizigers, van hun thuisbasis in West-Australië tot in de beste outdoorshops in ons kikkerland.

Nieuwe collectie dry bags in frisse natuurkleuren

Het gamma dry bags krijgt dit jaar een nieuw jasje aangemeten, met nieuwe modellen en in nieuwe kleuren, alle geïnspireerd op de outback van Sea to Summit’s thuisbasis in West-Australië. Blauw als de lucht, rood als ijzerrijke aarde, sulfergeel, paradijselijk lichtblauw en donkergroen zoals de bush. Los daarvan maakt Sea to Summit al decennia droogzakken, dus je kan er zeker van zijn dat ze qua ontwerp goed zijn doorontwikkeld en uitgebreid zijn getest op het terrein.

Veelzijdiger dan je denkt

Niets sexy aan een droogzak? Dat dacht je maar. Eigenlijk kennen we maar weinig outdooraccessoires die je voor zoveel doeleinden kan gebruiken. Zo leent de dry bag zich ook uitstekend als kussen (stop er gewoon wat kleren in), om je rugzak of koffer te organiseren, natte spullen in op te bergen (je zwembroek, bikini of een natte handdoek), vuile schoenen in te stoppen… Zelfs voor het vershouden van brood is een dry bag geschikt!

Enkele highlights

Heavy Duty

Hydraulic Pro

Een super heavy duty dry bag, ideaal voor veeleisende omstandigheden en in ruige omgevingen. Met de handige lussen maak je de tas makkelijk vast aan je (wildwater)kano of een offroadvoertuig, terwijl je hem dankzij het harnas van comfortabel EVA-schuim en mesh ook makkelijk meedraagt op je rug. De tas is luchtdicht, volledig onderdompelbaar en nagenoeg onverwoestbaar dankzij de 1000D dubbelzijdig gelamineerde TPU-stof. Verkrijgbaar in 50, 75 en 10 liter. Vanaf € 439.

Big River Dry BackPack

Deze duurzame, waterdichte en slijtvaste tas in handige rugzakuitvoering is gemaakt van sterk 420D nylon en heeft volledige getapete waterdichte naden. Leent zich uitstekend voor ruige outdooractiviteiten. De comfortabele banden om de schouders, borstbeen en middel zijn makkelijk verstelbaar zodat de tas goed op zijn plaats blijft. Door de ovaal gevormde bodem kun je de zak neerzetten zonder dat hij omvalt. Bestaat in een versie van 50 en 75 liter. Vanaf € 164,95.

Big River Dry Bag

Ook deze variant van de Big River is supersterk, slijtvast en gebouwd om ruige omstandigheden te weerstaan. Het is een echte ruimtebespaarder, gemaakt voor de heavy user. Heeft een ovaal gevormde bodem en een 10 000 waterkolom, is gemaakt van zeer sterk 420D Nylon en TPU. De binnenkant ziet wit, waardoor je spullen makkelijker terugvindt. Zie je, zelfs aan dit soort dingen heeft Sea to Summit gedacht. Vanaf € 39,95.

Lichtgewicht

LightWeight Dry Bag

Dit lichtgewicht kan je werkelijk voor alles gebruiken: om je spullen droog te houden, je bagage te organiseren, als kussen, om je natte spullen in te doen… handig om hier meteen een set van aan te schaffen. De dry bags zijn niet alleen licht, maar ook duurzaam, compact, supersterk, slijtvast en Bluesign-gecertificeerd. Je kan ze in plekken proppen waar geen gewone tassen past. Beschikbaar in verschillende maten tussen 1,5 en 35 liter. Vanaf € 16,95.

Verschillende opties

Dit is overigens maar een selectie uit de vele mogelijkheden. Zo heeft Sea to Summit ook drybags waar je een sling aan kan bevestigen, een lichtgewicht EHBO-droogtas, dry bags met een doorkijkluik en Evac eVent-dry bags. Dit zijn droogzakken die samendrukbare kleding en slaapzakken niet alleen droog houden, maar ook samendrukken, zodat je het pakvolume minimaliseert. Kortom: voor elk avontuur is er een droogzak!

seatosummit.eu

Diervriendelijke hebbedingen – altijd handige accessoires

Reizen met dieren is een beetje als met kinderen: je vergeet altijd wel wat… Een goede voorbereiding en een slimme paklijst bieden uitkomst. Deze handige hebbedingen komen altijd van pas!

Inklapbare bakjes met afsluitbaar deksel

De Sea to Summit X-Seal & Go-sets bevatten een kleine en een grote container, ideaal om brokjes voor onderweg in te stoppen en drinkwater in te doen. De deksels met schroefdraad sluiten lekvrij en luchtdicht af.

De bakjes zijn eenvoudig schoon te maken en mag je bij thuiskomst gewoon in de vaatwasser stoppen. Supermakkelijk, toch? Zit er niets in, dan druk je de bakjes samen tot twee in elkaar passende platte schijven van 27 en 32 mm. BPA- en siliconenvrij. Vanaf € 19,95. seatosummit.eu

Tickless Eco voor mens & dier

Elke huisdiereigenaar heeft wel  een tekentang en zal zichzelf en  zijn huisdier na een wandeling  checken. Voorkomen is echter  een beter plan. Teken kunnen namelijk nare ziekten veroorzaken. Daarom is er de Tickless  Eco, een discreet apparaatje voor jou, je kids én je viervoeter. 

De Tickless Eco zendt ultrasone  pulsen uit die niet waarneembaar  zijn voor mens of dier, maar teken op afstand houden zonder dat er geurtjes en chemicaliën aan te pas komen. De technologie is grondig getest in klinische studies en bewezen effectief. Vanaf € 33,95. Verkrijgbaar bij A.S.Adventure en de betere outdoorshop. tickless.com

Hydrapak Flux samendrukbare waterfles

Water heb je gewoon nodig onderweg en je huisdier al helemaal. Voldoende drinkwater onderweg zorgt ervoor dat je dier niet uitdroogt en helpt hem met het regelen van zijn lichaamstemperatuur.

Deze Hydrapak is superlicht (77 g) en superhandig om extra mee te nemen. Hij heeft de vorm van een harde fles, maar drukt samen als een zachte fles. Het twist to drink-mondstuk is morsbestendig en heeft een zelfsluitende klep. Is compatibel met de meeste 42 mm waterfilters met schroefdraad. Verkrijgbaar in 1 liter of 1,5 liter. Vanaf € 24,95. hydrapak.com

Hoofdlamp Biolite 425

Je huisdier ziet misschien goed in het donker, maar jij niet. Deze ultraslanke hoofdlamp weegt slechts 78 gram, maar pakt uit met een lichtsterkte van 425 lumen, een oplaadbare 1000 mAh Li-ionbatterij, IPX4 waterdicht en een lange brandtijd (60 u op laag/4 u op hoog).

Hij heeft vier witte en een rode lichtstanden vooraan en twee rode achterop. Je kan de lamp met één hand kantelen en bedienen, zodat je de andere hand vrij hebt om de leiband vast te houden. De band is van een vochtafvoerende stof. Prijs: € 69,95. eu.bioliteenergy.com