Home Blog Pagina 49

De ins & outs van waterfilters: wat is het en hoe kies je er een?

Dat drinkbaar water essentieel is voor al je buitenavonturen staat buiten kijf. Het laatste wat je wil halverwege je trip,  zijn buikklachten of een niet zo blij verteringsstelsel omdat je onverhoopt onveilig water moest drinken. Het antwoord is een betrouwbaar waterfiltersysteem. Maar wat is dat eigenlijk?

Op lange tochten, in gebieden zonder drinkbaar kraanwater en zeker in landen waar zelfs het flessenwater niet betrouwbaar is, hoort een waterfilter eigenlijk standaard op je paklijst te staan. Maar zelfs op korte trips is het fijn als je niet te veel kilo’s hoeft mee te sleuren en onderweg zonder oponthoud water kan bijtanken aan een stroom, meer of rivier.

Wat zit er in vervuild water?

Een niet onbelangrijke vraag is wat een waterfilter precies doet en waar je zoal op moet letten. We gingen ten rade bij Yan Trouwen van Elements bv, de Benelux verdeler van o.a. Katadyn, Care Plus, Hadex en Steripen. “Een waterfilter filtert zaken uit ons water die we er liever niet in hebben als we ervan willen drinken, zoals levende bacteriën, protozoa, virussen, microplastics, zware metalen, chemicaliën en vuiligheid. Maar welke filter juist wat filtert, hangt af van filter tot filter en met wat voor soort water je te maken krijgt.”

Fysieke verontreiniging kan je meestal zien, ruiken en proeven, maar ook water dat schoon lijkt, kan schadelijke verontreinigingen bevatten. “Als de waterbron bijvoorbeeld een beek is die ergens verderop door landbouwgrond stroomt, is ze mogelijk vervuild met uitwerpselen van dieren of kunstmest. Tankwater kan dan weer sedimenten bevatten die door recente regen zijn opgewoeld, terwijl boorwater doorgaans een hoog zoutgehalte heeft en er natuurlijke chemicaliën kunnen inzitten. Kortom: je weet het nooit.”

Koken kan, filteren is makkelijker

Een ouderwetse manier om water drinkbaar te maken, is het drie tot vijf minuten goed te laten doorkoken. Hiermee dood je alle micro-organismen die maag-darminfecties kunnen veroorzaken, zoals virussen, bacteriën en parasieten. Maar zware metalen en chemische verontreinigen, zoals resten van pesticiden en meststoffen,  verwijder je hiermee niet. Bovendien is water moeten koken ook niet altijd even praktisch, aangezien je eerst een vuur moet maken en een pan of pot nodig hebt.

Een waterfilter is vele malen handiger, maar er is niet één technologie. Yan Trouwen: “Virussen kan je op slechts drie manieren verwijderen: met uv-C licht, een desinfectiemiddel voor drinkwater (bv. Hadex), en koken. Chemicaliën en zware metalen kan je enkele reduceren met een actieve kool-filter. Bacteriën en protozoa hou je tegen met een filter van minimaal 0.2 micron, zoals die in de meeste microvezelfilters en pompfilters. En filters die werken met uv-C licht (bv. Steripen) schakelen bacteriën, protozoa en virussen uit, maar onthoud – en dit is belangrijk – dat ze dit enkel kunnen in klaar water, zonder zichtbaar vuil.

De juiste filter

Veel merken combineren verschillende technologieën en in sommige gevallen is het zelfs aangewezen om twee systemen te gebruiken. “Mijns inziens moet je vooral de juiste filter kopen voor het gebied waar je naartoe gaat en de manier waarop je reist. Ben je een rugzaktoerist die een licht, maar zeker systeem wenst dat lang mee gaat en veel filtert? Reis je naar Scandinavië of Schotland, of naar Indië? Wil je voorbereid zijn op alle mogelijke scenario’s? Heb je een filter nodig voor je camper of boot? Of omdat het kraantjeswater niet altijd betrouwbaar is, bv. in landen als Egypte of Turkije?”

Gewicht en grootte zijn voor buitenavonturiers een belangrijke factor, alsook wat de filter juist uit het water haalt. De ideale combinatie voor dit type buitenmens? “Dan denk ik aan lichtgewicht systemen zoals de Care Plus Evo, een filter die slechts 100 gram weegt, bacteriën, protozoa en microplastics uit je drinkwater houdt, en daarbovenop chemicaliën en zware metalen reduceert, en de smaak van je water verbetert.. Daarnaast zou ik persoonlijk nog enkele reservepatches actieve kool meenemen. Als je deze Evo dan combineert met de Steripen Ultralight elimineer je ook nog eens eventuele virussen. Een redelijk compleet plaatje.”

Kan je alle water filteren?

In principe kan je met dit soort filters bijna alle water filteren, maar Yan Trouwen maakt nog wel een kanttekening: “Wederom moet je een beetje je huiswerk doen en weten wat je in je water kan verwachten en met dat doel je waterfilter(s) aanschaffen. Is het water dat je wil filteren echt zichtbaar vuil, doordat er van alles in drijft of omdat het troebel is, tracht dan om het voor te filteren doorheen een bandana, stuk stof of een koffiefilter. Je waterfilter zal je dankbaar zijn.”

Zeewater omzetten in zoet water kan ook. Dit gebeurt met een watermaker door omgekeerde osmose, een proces dat zout en andere verontreinigingen uit zout water verwijdert. Water wordt door een membraan geperst en haalt er zodoende alles uit. Ook de mineralen die je nodig hebt en je zelf weer zal moeten toevoegen. De draagbare versies van dit soort filters (bv. de Katadyn Survivor) zijn prijzig en eerder bedoeld voor expedities en militair gebruik.

Tips voor een goed onderhoud

Pas een nieuwe filter aangeschaft? Probeer hem dan eerst thuis uit, om problemen onderweg te vermijden. Filters met een keramisch element of actieve kool zullen bij het allereerste gebruik altijd een wat vuil uitziend water afgeven. Dit komt door het keramisch stof en het stof van de actieve kool in je filter. Dit is enkel de eerste keer na aankoop. Gebruik je de filter op een gegeven moment in de vrieskou, schroef je filter dan los, steek hem in een ziplockzakje en vervolgens mee in je slaapzak. Anders heb je kans dat water in de schroefdraad bevriest en dan is je filter stuk.

“Als afsluiter wil ik nog een vaak over het hoofd gezien punt benadrukken: het onderhoud! Het beste is om na de reis thuis deftig wat water op basis van Hadex doorheen de filter te pompen. Herhaal dit daarna met gewoon kraantjeswater. Haal de filter vervolgens uit elkaar en laat hem twee weken drogen voor je hem weer in elkaar zet en opbergt. Op deze manier maak je je filter terug kiemvrij en heb je een dubbel gebruik voor je Hadex.”

Nog een tip? “Koop je waterfilter bij een specialist, zoals K2 de Kampeerder, Mounteqshop, De Berghut, Kariboe, A.S.Adventure, Avventura…”

Verschillende filtertechnologieën

  • Keramische filter: deze heeft minuscule openingen (poriën) van 0.2 micron waar water
    doorheen gaat, maar bacteriën, protozoa en microplastics niet.
  • Holle microvezel: is een filter voorzien van buisjes met minuscule gaatjes van 0.1 micron
    die bacteriën, protozoa en microplastics tegenhoudt.
  • Actieve kool: reduceert onder meer chemicaliën en vreemde smaakjes uit het water en
    reduceert resten van antibiotica, hormonen en pesticiden.
  • Desinfectiemiddel voor drinkwater: doodt bacteriën en virussen en kan je na je reis
    gebruiken om je filter te reinigen voor je hem weer opbergt.
  • UV-C licht: rekent in korte tijd (48 tot 90 sec) af met 99,9% van alle bacteriën, virussen en protozoa.

Ideaal voor buitenavonturiers

Care Plus EVO water filter

Haalt 99.9% bacteriën, protozoa en microplastics uit water door middel van een holle microvezel. Tevens voorzien van een vervangbare actieve kool filter. € 64,95.

Steripen Classic 3

UV-C filter met 40-micron voorfilter. Verwijdert na 48 sec. roeren 99,9% van de bacteriën, virussen en protozoa. 100 (AA) / 200 (niMh) behandelingen per batterij. € 85,95.

Katadyn Vario

Filtert op drie niveaus (filter in glasvezel, keramische prefilter en een filter met actieve kool). Past op de meeste drinkbussen en waterzakken. € 129,95.

Ecoproducten voor de outdoors

Als liefhebbers van buitensport weten we als geen ander hoe belangrijk het is om verantwoord om te gaan met onze planeet. Niet alleen om zelf te kunnen genieten van al het schoons dat Moeder Natuur te bieden heeft, maar zeker ook om onze kinderen en kleinkinderen de mogelijkheid te bieden om te ervaren wat wij hebben ervaren en, nog steeds, kunnen ervaren. Waar mogelijk kiezen voor duurzaam en ecologisch verantwoord gemaakte producten is het minste wat we kunnen doen.

Tekst: Jeroen Heutz

Stand up paddle colab

Toen Zero Emissions Project (Michael Walther) en Boardlab (Jannek Grocholl) de handen in elkaar sloegen, deden ze dat met één doel voor ogen: een SUP-board maken dat een zo laag mogelijke impact had op de natuur, maar toch stabiel, snel en licht van gewicht was. Gesteund door Fanatic, een van de toonaangevende boardfabrikanten, ontwikkelden ze de Ray Eco, waarschijnlijk het meest duurzame SUP-board ter wereld. Het board is gemaakt van hout, de schuimkern is opgebouwd als een ribstructuur en de beschermlaag die vaak bestaat uit giftige vernissen of harsen, is verzegeld met biologische lijnolie. Zelfs de logo en belettering op het board is aangebracht met natuurlijke pigmenten. fanatic.com

Biologisch afbreekbare schoenen van merinoswol

The Woolmark Company, onderdeel van Australian Wool Innovation is een samenwerking aangegaan met het Franse eco sport- en lifestyle merk Circle Sportswear. Samen hebben
ze hardloopschoenen ontwikkeld die gemaakt zijn van Australische merinoswol. De schoenen zijn niet alleen biologisch afbreekbaar, maar ook nog eens gemaakt van 100 % gerecycleerd materiaal. De technische hardloopschoenen zijn bovendien geurbestendig en maken gebruik van de karakteristieken van merinoswol. woolmark.com

Vivobarefoot, back to basics

Het motto van Vivobarefoot is simpel; hoe dichter je bij de natuur staat, hoe meer je geneigd bent om de natuur te beschermen. Onze voeten zijn de directe verbinding met de planeet. Er worden jaarlijks meer dan 24 miljard paar schoenen geproduceerd waarvan 90% binnen een jaar op de vuilnisbelt belandt. Het merendeel van de schoenen zit vol met petrochemische materialen die nog duizenden jaren invloed hebben op ons ecosysteem. Revivo is het eerste platform ter wereld voor refurbished barefoot schoenen. Schoenen horen thuis aan je voeten en niet op de vuilnisbelt. vivobarefoot.com

Preach what you practice

Laat die auto staan op weg naar je avontuur. Neem een bus, wandel of pak je e-bike. Probeer dat ook te doen op weg naar je werk als je die mogelijkheid hebt. Sta iets minder lang onder de douche, eet een avond vegetarisch per week en zo kunnen we nog wel even doorgaan als we willen dat deze planeet er ook nog voor de volgende generaties is.

Culinair genieten tijdens je hike of na een sportieve dag in de buitenlucht

Van een dag actief bezig zijn in de buitenlucht krijg je honger en er is niets lekkerder dan een barbecue op houtskool. De Casusgrill lijkt wellicht eenvoudig maar het design van deze 100% milieuvriendelijke wegwerpbarbecue is ingenieus. Je steekt de barbecue in vijf minuten aan en even later geniet je van alle soorten steaks, groente en vis, bereid op echte kolen. Gemaakt van natuurlijke materialen – houtskool, lavasteen, bamboe en karton. Na je maaltijd kan je alles, behalve de lavastenen, in je kampvuur gooien. casusgrill.com

8000Kicks backpack

Minder is meer… Waarom een rugzak kiezen om je laptop mee te nemen naar kantoor, een andere rugzak om naar de sportschool te gaan en een derde rugzak voor je weekendhikes? Dat dachten ze waarschijnlijk ook bij 8000Kicks, toen ze ’s werelds eerste waterdichte rugzak van hennep ontwikkelden. Met een inhoud van 18 liter is deze rugzak perfect om doordeweeks je laptop mee te nemen naar kantoor. In no time vergroot je de inhoud naar 30 liter voor je zaterdagse hike. De backpack is bovendien uitgerust met een antidiefstal compartiment en een USB-connector. Wel zo makkelijk om je zonneoplader in je tas te hebben en je telefoon binnen bereik. 8000kicks.com

I’m a baller

Zijn balsporten meer jouw ding? Check dan eens de producten van Eco Sports. Het bedrijf is opgericht in 2021, met als doel hoogwaardige, duurzame, vegan sportartikelen te maken. Het productaanbod bestaat op dit moment uit honkbalhandschoenen
en ballen voor voetbal, basketbal, volleybal en footy. De producten zijn gemaakt van een vegan biologisch afbreekbaar materiaal genaamd TPU. Het bedrijf verpakt de producten bovendien plasticvrij en 10% van de winst wordt geïnvesteerd in het planten van bomen. ecosports.com

Meest duurzame merken

Met de hulp van 80 000 consumenten uit acht landen analyseert de Sustainable Brand Index jaarlijks bijna 1600 merken op duurzaamheid. Dit zegt niet alles, maar geeft wel aan dat ze op de goede weg zijn. Fjällräven werd in Zweden voor het vierde jaar op rij uitgeroepen tot het meest duurzame merk in de categorie Clothes and Fashion Brands. sb-index.com en fjallraven.com

Trails à Godinne: 4 nieuwe trails door de Maasvallei en de Condroz

Gepassioneerde lopers van Racing Club de Bruxelles hebben vier permanente trailparcoursen uitgewerkt op het grondgebied van de Naamse gemeente Yvoir. Net voor de bewegwijzering werd aangebracht, trok Far Out al op verkenning met een van de bezielers van het nieuwe trailnetwerk.

Tekst & foto’s: Kris Clerckx

Plaats van afspraak: het treinstation van Godinne, het start- en aankomstpunt van de vier nieuwe routes. “Samen met jou zijn ook de pijlen voor de bewegwijzering aangekomen”, lacht de vriendelijke Christian Capelle, oud-voorzitter van Racing Club de Bruxelles en de parcoursbouwer van de nieuwe trailroutes. “Na onze looptocht mag ik op de gemeente de pijlen gaan ophalen. Die zijn net klaar en dan kunnen we ze eindelijk aanbrengen. Het is een grote stap voorwaarts in de realisatie van dit trailproject.”

Twee jaar speuren

Het oorspronkelijke idee ontstond al voor de coronaperiode. Samen met ultraloper Olivier Vandentempel en nog enkele andere lopers stelde Capelle vast dat er nog geen trailstation in de provincie Namen bestond. Onterecht oordeelden ze, want de Maasvallei zorgt voor een decor met steile klimpartijen en op het plateau van de Condroz is nog veel ongerepte natuur voorhanden.

Geleidelijk aan rijpte het idee om met medewerking van atleten en het bestuur van Racing Club de Bruxelles in deze minder bekende trailregio permanente trailparcoursen uit te stippelen. Voor Capelle, die als enige van de club in de gemeente Yvoir woont, begon vanaf dan een periode van twee jaar speuren naar de beste en mooiste paden in de streek. “Dat was telkens een pittige training”, evalueert hij zijn prospectiewerk. “Intussen denk ik bijna alle paadjes van Godinne, Mont en de andere deelgemeenten van Yvoir te hebben verkend.”

Meteen de natuur in

Terwijl Capelle terugblikt op de voorbereidingen van de nieuwe trailparcoursen hebben we ons in beweging gezet. Als eerste traject kiezen we voor ‘Godinne Découverte (Op ontdekking in Godinne)’, met 8 km en 280 positieve hoogtemeters het kortste en gemakkelijkste parcours.

Maar met een start in Godinne, een dorpje aan de oevers van de Maas, betekent dat net zoals voor de drie andere afstanden meteen klimmen geblazen. Warm je lichaam dus maar even op, als je hier aan een trailparcours begint. “Vertrekken (en aankomen) in Godinne heeft verder wel veel voordelen”, verduidelijkt Capelle. “Vooreerst bevindt zich hier een treinstation met een rechtstreekse verbinding met Brussel. Dat is heel praktisch voor de atleten van onze club en uiteraard ook voor alle andere traillopers die met het openbaar vervoer reizen.

Een tweede groot voordeel van een vertrek in Godinne is dat onze routes meteen de natuur ingaan. Aanvankelijk bestond het plan om vanuit het centrum van Yvoir te vertrekken. Ook daar is een treinstation, maar het duurt er te lang voor je de bebouwde kom uit bent.” De keuze blijkt een goede beslissing, want nauwelijks 300 meter na de start krijgen we aan onze rechterzijde al een eerste mooi uitzicht op een kasteel te midden van de groene Maasvallei. En niet veel verder laten we het laatste huis van Godinne achter ons, waarna we het bos induiken.

Parcoursontwikkeling

In dit bos aan de rand van Godinne volgen we een singletrack, die best steil omhoog in gaat. Net zoals onze hartslag trouwens! In nauwelijks enkele honderden meters klimmen we uit het dal van de Maasvallei naar een hoogte van bijna 300 meter. Mijn loopgezel toont me een nog steiler pad, waarvoor geen toestemming werd verkregen.

“Toelatingen regelen voor een permanent trailparcours was het moeilijkste onderdeel van de voorbereiding”, zucht Capelle. “Met de gemeentelijke diensten verliep de samenwerking heel vlot, maar bij het Département de la Nature et Forêts (DNF) kregen we soms geen antwoord of was het lang wachten op een definitief akkoord. Telkens moesten we de aanvragen herlanceren.” Een veel boeiender en belangrijk onderdeel waren de regelmatige testlopen van Olivier Vandentempel en de andere traillopers van Racing Club de Bruxelles. Op basis van hun feedback over het aantal hoogtemeters en de aard van de ondergrond kregen de voorgestelde parcoursen hun definitieve vorm.

Veel afwisseling

In afwachting van de bewegwijzering met groene pijltjes – die intussen zijn aangebracht – gidst Capelle me na de steile flanken van de Maasvallei over een licht hellend plateau. Een opvallend oriëntatiepunt blijkt de Chêne à l’ Image, een eeuwenoude eik en het hoogste punt van de route. De 16 km lange blauwe route ‘Monts et Vallées (Bergen en valleien)’ komt hier eveneens voorbij, al is er voor het overige heel weinig overlapping tussen deze twee kortste parcoursen van het trailnetwerk. Dit geldt overigens voor alle parcoursen van Trails à Godinne.

Voorbij de Chêne à l’Image lopen we een heel eind in dalende lijn. Afwisselend gaat het door bos en velden, het zo typische landschap van de Condroz. Slechts een keer komen we terecht in een gehucht met een boerderij en enkele huizen, maar de stilte van het landschap blijft wel intact. Verderop in de afdaling krijgen we weer zicht op de Maasvallei, al duurt het toch nog even vooraleer we helemaal beneden het dal bereiken.

Er volgt dan een spectaculair stukje tussen de spoorweg op de oevers van de Maas en de haast loodrechte rotswanden van de Rochers de Fidevoye. Tijdens een plaatselijke trailwedstrijd worden lopers hier via een smal pad naar de top van de rotsen geleid, maar dan zijn er touwen en bewakers aanwezig. Laat je dus beter niet verleiden om hier het officiële traject van de groene trailroute te verlaten. Bovendien volgt er even verderop toch nog een knik naar omhoog, waarna een al even indrukwekkend maar wel veiliger uitzichtpunt op de Maas wordt bereikt. Tijd voor een selfie daar en we kunnen beginnen uit te bollen richting station van Godinne.

Een netwerk met toekomst

Net zoals bij andere permanente trailroutes in Wallonië hebben de makers van Trails à Godinne geopteerd voor de vier klassieke kleurcodes om de moeilijkheidsgraad van routes weer te geven.

  • De gemakkelijkste is de groene ‘Godinne Découverte’, die we als eerste hebben getest.
    De blauwe route maakt een grote lus rond het dorpje Mont en is omgedoopt tot ‘Monts et
    Vallées’. Op dit 16 km lange parcours overwin je vier pittige beklimmingen, goed voor ongeveer 500 meter hoogteverschil.
  • De rode route kreeg de naam ‘Piste du Trappeur’, het spoor van de stroper. Het parcours van deze 26 km lange route loopt helemaal tot in Durnal, de meest oostelijke deelgemeente van Yvoir. Even voorbij Durnal volgt de route gedurende enkele kilometers de kronkelende loop van de Bocq, wat misschien wel het mooiste stukje natuur van het hele netwerk vormt.
  • Ook de zwarte en zwaarste route, ‘Timide et Sauvage’ oftewel verlegen en wild, brengt je tot in de romantische vallei van de Bocq. In vergelijking met de rode route heb je aan het eind van het zwarte parcours 10 km en 400 positieve hoogtemeters meer in de benen.
    En als het van de initiatiefnemers van Trails à Godinne afhangt, komen er in de toekomst misschien ook nog routes bij aan de overkant van de Maas. We kijken er alvast naar uit!

Goed om weten

Tegen het eind van de lente zullen alle parcoursen van Trails à Godinne beweg-
wijzerd zijn. Het start- en aankomstpunt is voor alle vier de routes het treinstation van Godinne, maar je kan ook elders op de lusvormige trajecten starten. De gpx-
bestanden vind je op de website van de club.

Crosstriatlon wedstrijd­ervaringen uit Italië

Ruil je koersfiets in voor een mountainbike, koop je een paar lichte trailschoenen en een wetsuit en schrijf je in voor een van de vele crosstriatlonwedstrijden. Hier onze wedstrijd­ervaringen uit Italië.

Tekst & foto’s: Charlotte Dewilde

Xterra Lago di Garda

Het Gardameer, de droomvakantie voor vele Belgen, is in mei ook een van de vaste locaties van Xterra. Hier wordt traditiegetrouw de start van de Xterra Italy-serie ingeleid. De westoever van het meer is het epicentrum van de wedstrijd, waarbij de atleten door de smalle geplaveide straatjes van Toscolano-Maderno crossen.

Mijn vriend Arthur stond er vorig jaar als eliteatleet voor de eerste keer aan de startlijn. Als vaste supportster van dienst bericht ik maar al te graag over die bloedhete editie aan het Gardameer. We proberen zo vaak mogelijk met het openbaar vervoer te reizen, maar jammer genoeg is het meer, en zeker de noordelijke Bresciaanse kant, maar moeilijk bereikbaar met de trein. Aangezien we op de grens tussen Tirol en Zuid-Tirol wonen, stonden we snel op Italiaanse bodem. Toch was de weg naar het Gardameer een van lange adem, aangezien een vrachtwagen zich voor ons in een tunnel klem had gereden.

Gelukkig hadden we ons een gezellig hotelletje geboekt in het idyllische bergdorpje Cecina, op een kwartiertje fietsen van de wedstrijdsite. De autorit waren we snel vergeten en na een Italiaanse koffie voelden we ons een en al rilassati. Het parcours aan het Gardameer telt naast enkele technische passages ook meer dan 1000 hoogtemeters en met het kwik dat tot 35 graden opliep, wisten we dat het een loodzware editie zou worden. Arthur kwam al snel bij de eersten uit het golvende water, maar moest tijdens het pittige mountainbiken snel enkele plaatsen prijsgeven. Volledig afgemat door de hoogtemeters en de blakende zon, liep hij de 10 km, om vervolgens moe, maar voldaan en met een grote glimlach op zijn gezicht mij aan de finish tegemoet te komen.

Xterra Lago di Molveno

Het meer van Molveno in het prachtige Trentino is in tegenstelling tot het Gardameer voor de meesten onder ons onbekend, maar voor ons daarom niet onbemind! Vorig jaar ging het wereldkampioenschap Xterra voor het eerste niet door op het Hawaïaanse eiland Maui – toch wel de bakermat van de crosstriatlon – maar dus wel in Molveno, een dorpje aan de voet van de Brenta Dolomieten.

Met een lengte van 4,5 km is het Molvenomeer het grootste natuurlijke Alpenmeer dat op meer dan 800 meter hoogte ligt. Daarnaast staat het meer ook bekend om zijn blauwgroene kleurschakeringen, kronkelende beekjes en florerend visbestand. Een ideale omgeving voor een crosstriatlon, niet?

Arthur stond er in september 2021 aan de start van de Xterra Lago di Molveno. We verbleven in een hotel uitgebaat door een jong Italiaans gezin, op vijf minuten wandelafstand van de eventlocatie. Na een verwarmende Italiaanse cappuccino met zicht op het Paganellamassief was het tijd voor de parcoursverkenning.

Het zwemnummer is zoals gebruikelijk in crosstriatlons met wetsuit. Aangezien dit bergmeer op meer dan 800 meter hoogte ligt, is zwemmen zonder wetsuit enkel voor ijsberen weggelegd. Dat dit schilderachtige meer ook geliefd is bij zeilers, komt door de ‘Ora del Garda’, een zuidelijke wind vanuit het Gardameer. Dit zouden de atleten dan ook aan den lijve ondervinden.

Het mountainbikeparcours verbindt de dorpjes Molveno en Andalo en is met zijn meer dan 1000 hoogtemeters, verdeeld over 32 km, gemaakt voor de lichte atleten die daarenboven over de nodige technische skills moeten beschikken. Er is namelijk een pittige afdaling met een stijgingspercentage van ongeveer 18% die de meeste niet-elite atleten te voet afdalen. In de laatste wisselzone maken de atleten zich dan klaar voor een pittige trailrun langs de oevers van het noordelijke deel van het meer. In tegenstelling tot het mountainbikeparcours zijn de 300 hoogtemeters hier minder netjes verdeeld, waardoor de atleten werkelijk met touwen en op handen en voeten omhoog moeten klauteren in het bos.

Door de hevige regenval van de dag voordien lag het parcours er op de wedstrijddag extreem modderig bij. Die modder zorgde bij Arthur voor enkele mechanische defectjes tijdens het fietsen, waardoor hij net als aan het Gardameer relatief snel veel plaatsen prijs moest geven. Aangezien opgeven bij de meeste atleten niet in het woordenboek staat – en de locatie ook gewoon te mooi is om er niet langer van te genieten – streed Arthur verder om volledig onder de modder de eindmeet te bereiken. Afsluiten doen we steevast met een authentiek Italiaans restaurantje waar we de crosstriatlonplannen voor het komende jaar alvast smeden.

De wondere wereld van de crosstriatlon in België

Voor al wie op zoek is naar een avontuurlijke sport in een schilderachtig decor, trekt bij crosstriatlon aan het juiste eind! Ruil je koersfiets in voor een mountainbike, koop je een paar lichte trailschoenen en schrijf je in voor een van de vele wedstrijden. Vergeet ook zeker je wetsuit niet, want die idyllische bergmeren zijn verraderlijk koud!

Tekst: Charlotte Dewilde / Foto’s: Xterra, Carel du Plessis

X-tri en Xterra

Crosstriatlon is het jongere, offroad broertje van de traditionele triatlon en nog relatief onbekend in onze contreien. Eind de jaren negentig werd voor de eerste keer een wereldkampioenschap crosstriatlon georganiseerd door de organisatie Aquaterra, die al snel de nieuwe flitsende naam Xterra kreeg. Zij zijn tot op vandaag de dominante organisator, naast de kleine lokale initiatiefnemers van crosstriatlonwedstrijden.

De wedstrijden van Xterra vinden over de hele wereld plaats en zijn per continent nog eens in verschillende nationale series opgedeeld. Zo heb je bij ons de serie Xterra Benelux met het Europees kampioenschap in Namen op 10-11 juni 2023 als absolute highlight. Alleen al in de zomermaanden kan je na de stop in België terecht in achtereenvolgens Zwitserland, Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk, Italië, Tsjechië en in augustus opnieuw in België – meer bepaald in Lac de la Gilippe dit keer.

Als supportster mocht ik al enkele malen met volle teugen genieten van hun uitstekend georganiseerde evenementen. Dat bij Xterra offroad en avontuur diep in hun DNA geworteld zit, merk je meteen. Ondertussen is de crosstriatlonkalender sinds enkele jaren bovendien aangevuld met duatlon, trailrun, aquatlon, aquabike en een swimrun. Geen uitvlucht meer om geen lid van de Xterra-familie te worden.

Korter, technischer en 100% avontuur

Dat triatlon en bij uitbreiding crosstriatlon aan het boomen is, is al enkele jaren duidelijk. In
vergelijking met de klassieke kwarttriatlon is  de offroadversie iets korter, veel technischer en bovendien 100% avontuur. Eerst moeten de atleten 1,5 km in een meer zwemmen, daarna ongeveer 30 km mountainbiken en afsluitend 10 km trailrunnen. (Red.: de International
Triathlon Federation (ITU) organiseert sinds 2011 ook een wereldkampioenschap crosstriatlon. De afstanden van dit WK verschillen van die van Xterra, namelijk 1 km zwemmen, 20 km fietsen en 6 km lopen.)

De zwaarte van een crosstriatlonwedstrijd hangt voornamelijk af van het aantal hoogtemeters tijdens het mountainbiken en trailrunnen. Reken hoe dan ook op een hoogintensieve inspanning van in totaal minstens drie uur. Ook verken je best op voorhand het mountainbikeparcours, aangezien de techniciteit van wedstrijd tot wedstrijd erg kan verschillen en niet elk parcours voor iedere gewone sterveling is weggelegd. Uiteraard kan je ook voor de discovery of rookieversie kiezen. In dat geval zijn de afstanden korter. In Namen respectievelijk 500 meter zwemmen, gevolgd door 16 km biken en 5 km lopen dan wel 250 meter zwemmen, gevolgd door 6,4 km biken en 2,9 km lopen.

Ik doe een crosstriatlon en ik neem mee…

De uitrusting van een crosstriatleet is grotendeels dezelfde als die van de traditionele triatleet, denk hierbij aan een wedstrijdpakje, wetsuit, duikbril, badmuts, helm, energiegelletje en handdoek. De koersfiets wordt door een mountainbike – bij voorkeur met full suspension – ingeruild. Gravelbikes zijn niet toegelaten. Opteer zeker ook voor klikpedalen, aangezien die je de nodige controle en stabiliteit geven tijdens de technische trails. Ook neem je beter niet je snelle loopschoenen mee, maar ga je voor lichte trailschoenen met elastische veters zodat je snel kan wisselen.

Hoewel de afstanden vaak iets korter zijn dan de klassieke kwarttriatlon ben je toch vaak dubbel zo lang onderweg. Neem dus voldoende water en gelletjes of ander krachtvoer mee. En last but not least: een eenvoudig reparatiesetje aan je zadel is zeker geen overbodige luxe…

Fietsen op een Naamse Citadel

De Xterra crosstriatlon keert niet alleen terug naar de iconische Citadel van Namen, de stad kreeg ook het Europees kampioenschap Xterra 2023 toegewezen. Aan het EK Xterra op zaterdag 10 juni wordt op zondag 11 juni een spectaculaire Short Track toegevoegd, een triatlon over de korte afstand waaraan alleen de top-30 van het EK mag meedoen. Op het programma: een uitzonderlijk parcours dat rivieren, bergen en bospaden combineert.

FOTO: Fietsen op een Naamse Citadel

De Xterra crosstriatlon keert niet alleen terug naar de iconische Citadel van Namen, de stad kreeg ook het Europees kampioenschap Xterra 2023 toegewezen. Aan het EK Xterra op zaterdag 10 juni wordt op zondag 11 juni een spectaculaire Short Track toegevoegd, een triatlon over de korte afstand waaraan alleen de top-30 van het EK mag meedoen. Op het programma: een uitzonderlijk parcours dat rivieren, bergen en bospaden combineert.

Het verschil tussen een gravelbike, MTB en ATB?

Het bos in met de fiets – het was nog nooit zo toegankelijk. In de gemiddelde fietsenwinkel vind je tegenwoordig een gespecialiseerd offroadmodel voor elke discipline en elk budget. Maar hoe vind je de juiste fiets nog in dat fietsenbos?

Tekst: Kris Achten

De manus van alles

De gravelbike kan je zien als een racefiets die wél het geëffende pad kan verlaten. Deze fietsen voelen zich prima thuis op grind, zand, gras en bos, maar blijven ook comfortabel en behoorlijk snel op de verharde wegen. Perfect dus als je liever overvolle jaagpaden of toeterende auto’s links laat liggen. Ook prima om je woon-werkverkeer wat interessanter te maken, of als trainingsfiets in de winter.

Qua bouw is de gravelbike een kruising van een klassieke touringfiets met een cyclo-
crossfiets (veldrijden, dus). Doordat er schijfremmen in plaats van velgremmen worden gebruikt, is er meer plaats voor dikkere banden – en je vindt ze tegenwoordig zelfs met vering, 27,5 inch wielen en dropper posts (om snel je zadel te verlagen). Vergeleken met een racefiets of cyclocross, heeft de gravelbike een iets langere wielbasis (stabieler, maar minder explosief), en staat het gebogen stuur wat hoger en dichter (meer comfort). Hierdoor is de gravelbike een bijna-alleskunner waarmee je zowel op de baan als in de natuur prima uit de voeten kan. Je kan er ook mee gaan bikepacken – zolang je het niet te bont maakt.

De ruwe bolster

Trek je de bergen in, of off-road in de Ardennen, zal je wellicht meer plezier beleven aan een mountainbike. Die fietsen zijn perfect voor ruw, technisch terrein. Met een nog langere wielbasis, nog bredere banden (tot 2,4 inch) en grotere wielen (29 inch is inmiddels zo goed als de norm) geven ze de fietser meer stabiliteit, ten koste van de wendbaarheid en snelheid van een gravelbike. Het brede, rechte stuur geeft je extra controle, en je kan schokken ook met je armen opvangen, maar het rijdt allesbehalve aerodynamisch.

Mountainbikes hebben bijna altijd vering vooraan, met vaak een veel grotere veerweg dan op een gravelbike mogelijk is. Zo vang je drops en oneffenheden op en gaat de fiets minder stuiteren op technisch terrein. Mountainbikes met enkel vering vooraan noemt men hardtails.
Fully’s hebben ook vering achteraan. Die zijn daardoor zwaarder, maar geven nog meer comfort en controle.

Vervolgens heb je zowat voor elke discipline in het mountainbiken een aangepaste fiets met iets andere specs. De cross-country is de lichtste en gericht op langere tochten waarbij snel boven zijn even belangrijk is als snel beneden zijn. Trailbikes en enduro-bikes geven voorrang aan ‘flow’ en plezier – rustig naar boven, en speels in de bochten (kom) bergaf. Freeride (en downhill) fietsen dienen niet om bergop te fietsen – als het kan neem je hiermee de stoeltjeslift of shuttle. Dan heb je al je energie over voor halsbrekende afdalingen en jumps. Hetzelfde geldt voor de e-MTB’s gericht op maximaal genot bergaf.

Sommige mountainbikes lenen zich trouwens ook prima voor bikepackingtochten, vooral hardtails. (Een fully heeft door de extra vering achterin minder ruimte in het kader). Het brede stuur en grote kader laten veel plaats voor kampeer- en kookspullen. Je hebt dus niet per se een gravelbike nodig om te bikepacken. Het is eerder toevallig dat gravel- en bikpacken tegelijk hun ingang vonden bij het grote publiek.

Een veelzijdige machine

Soms hoor je ook de term ATB – All-Terrain Bike. Die term werd oorspronkelijk gebruikt voor élke fiets met dikke banden die offroad kon (denk ook aan het Franse VTT, Vélo Tout Terrain). Wist je trouwens dat MountainBikes initieel een merknaam was?!

Tegenwoordig wordt onder ATB een fiets verstaan die bestaat uit een mix van MTB- en racefietsonderdelen, en die is afgestemd op maat van wat de fietser ermee wil doen – met of zonder vering, een gebogen of recht stuur, 30 versnellingen of 1, wat minder agressieve banden, extra accessoires die je niet altijd op een mountainbike verwacht, zoals bagagedragers, verlichting, spat- borden of een hoger afgesteld stuur. Het Zwitsers zakmes onder de fietsen zeg maar – en niet veel verschillend van de MTB’s uit de jaren 90. Vandaar dat sommigen ATB’s gewoon voor een ander type mountainbike aanzien.

Puristen zweren dan weer bij de ATB als de perfecte machine om ongecompliceerd en laagdrempelig te kunnen genieten van waar je route je ook leidt – en waar de mindset het verschil maakt, en niet de machine. 

Gravelbiken in Vlaams-Brabantse wouden

Komend najaar vinden in en rond Oud-Heverlee het Europees Kampioenschap en het allereerste Belgisch Kampioenschap gravelbike plaats. Een jaar later wordt in de Brabantse wouden tussen Halle en Leuven dan weer de strijd om de wereldtitel beslecht. Maar het draait niet alleen om kampioenschappen, want ook voor gravelbikers zonder titeldromen biedt Vlaams-Brabant heerlijke decors om in rond te toeren.

Tekst: Kris Clerckx / Foto’s: Shutterstock

Voor onze kennismaking met het gravelbiken in Vlaams-Brabant hebben we afgesproken met Wouter Van Genechten, fervent fietser en bestuurslid bij wielerclub en evenementorganisator 666Gravel. “Aanvankelijk fietsten we met onze club alleen op de weg”, legt de dertigjarige biochemicus uit Korbeek-Lo uit.

“Daar kwam verandering in toen enkele leden van ons team deelnamen aan een groot gravelbike-evenement in de Hoge Venen. Ze kwamen daar zo enthousiast van terug, dat geleidelijk aan meer van onze leden zich een gravelbike aanschaften. Ook in de rest van ons land begon gravelbiking toen helemaal door te breken, en als een van de eerste clubs in onze streek hebben we daar op ingespeeld.”

Fietsen plus ambiance

Wouter Van Genechten kocht zijn eerste gravelbike in 2019 en nog voor de coronacrisis nam hij deel aan gravelbike-evenementen. Hij putte er veel voldoening uit en vond de sfeer er plezanter dan tijdens klassieke toertochten met de koersfiets. “Vooral in de ambiance na de rit vond ik mijn ding”, lacht Van Genechten. “Ook tijdens mountainbiketoertochten hangt er meestal een goede sfeer, maar ik fiets nu eenmaal liever met de gravelbike dan op een mountainbike. Zowel tijdens het gravelbiken als het mountainbiken ben je actief in de natuur, maar gravelbikeparcoursen zijn minder technisch. Op een gravelbike gaat het allemaal net iets sneller. Dat trekt me wel aan. Misschien heeft mijn voorkeur ook te maken met het feit dat ik zelf misschien niet zo een begenadigd mountainbiker ben. Gravelbikers lachen onderling wel eens dat gravelbiking een discipline is voor avontuurlijke fietsers, die niet zo goed kunnen mountainbiken.”

Gravelroutes

Samen met zijn gravelvrienden van 666Gravel organiseert Wouter Van Genechten jaarlijks twee grote gravelbike-evenementen: een in de omgeving van Leuven en een op een heel andere plaats in Vlaams-Brabant. “Vorig jaar zijn we in de Brabantse Kouters beland. Tijdens het uitstippelen van de Cornet Gravelroute vonden we dat  zo een vette streek, waarna we in samenwerking met de provincie Vlaams-Brabant daar een fietsevenement hebben laten doorgaan. We mochten die dag ook door de brouwerij van het Cornetbier fietsen, wat voor extra goede ambiance zorgde.” Intussen bestaat er een officiële Cornet Gravelroute met start en aankomst op de wielerpiste van Affligem. Bewegwijzering voor deze 117 km lange route is er niet aangebracht, maar gravelbikers kunnen het gpx-bestand eenvoudig downloaden via de website van Toerisme Vlaams-Brabant.

“Je vindt hier alles voor een gevarieerd parcours: grindpaden,
kasseien, brede dreven en singletracks.”

Een andere Vlaams-Brabantse gravelroute die de gravelvrienden van 666Gravel uitstippelden,
is de Dijleland Gravelroute. Een pittig gedeelte van die route loopt door het Meerdaalwoud in
en rond Oud-Heverlee, waar de beste gravelbikers van België het na de zomer tegen elkaar zullen opnemen. Bovendien zal het Meerdaalwoud ook worden opgenomen in het parcours van het WK gravel in 2024. “Dat zijn mooie evenementen om naar uit te kijken”, reageert Van Genechten.

“Over een hype kunnen we nog niet spreken, want die kampioenschappen zijn nog veraf. Voor het Belgisch Kampioenschap stelt zich wel een beetje een dilemma: er zelf aan deelnemen of het als toeschouwer beleven? Ik herinner me het WK wielrennen op de weg in Leuven van twee jaar geleden. De wielergekte in de stad was compleet en zelf zag ik de renners vier keer passeren in de Bondgenotenlaan. Onvergetelijk. Met het WK gravelbike zal het niet zo een vaart lopen, maar veel fietsers en supporters zullen het Meerdaalwoud leren kennen.”

Kriskras door het woud

Op verkenning door het Meerdaalwoud toont Van Genechten maar wat graag zijn favoriete passages: “In de eerste plaats is dat de golvende Weertsedreef, die Bierbeek met Sint-Joris-Weert verbindt. Gedurende twee kilometer loopt die grindbaan haast recht op recht. Je kunt je daar echt pijn doen om de snelheid hoog te houden. Op het punt, waar de Weertsedreef in een asfaltbaan overgaat, draaien we meestal af. Via andere brede dreven, die er zelfs bij regenweer nog goed bijliggen, fietsen we dan richting Walendreef in het zuiden van het Meerdaalwoud.”

Die Walendreef ligt er bruter bij, maar voor fietsers op de gravelbike nog altijd rollend en goed bollend. Behalve een uitgebreid netwerk aan dreven vind je in het Meerdaalwoud ook singletracks. “Met de gravelbike zijn die kleine paadjes moeilijker te nemen dan met een mountainbike”, evalueert Van Genechten. “Maar dat maakt het net extra uitdagend. Ook de omgeving rond het Meerdaalwoud biedt veel afwisseling. Aan de westelijke rand bevindt zich de Dijlevallei met kronkelende grindpaadjes en zuidelijker kun je fietsen op Waalse veldwegen. En ook het Zoniënwoud is vlakbij. Je vindt hier alles voor een gevarieerd parcours: grindpaden, kasseien, brede dreven en singletracks.”

www.toerismevlaamsbrabant.be/gravel

Event: 666Gravel Pit

Op Hemelvaartsdag (donderdag 18 mei 2023) organiseren de gravelvrienden van 666Gravel een toertocht door het Meerdaalwoud en de Brabantse velden. Deelnemers hebben de keuze uit twee afstanden: 70 en 120 km. Start- en aankomstplaats is Den Bureau in Leuven. Na de sportieve prestatie kunnen deelnemers nog relaxen en chillen, want de organisatoren hechten veel belang aan de après-gravel! Online inschrijven kan voor € 16 via de website van 666Gravel.

Bikepacken dwars door Wales: brutal, maar zo mooi!

Wales is zo mooi. Dat is algemeen geweten onder Britten, niet in het minst de Welshmen zelf, maar ook onder onze landgenoten. Een echte aanrader, zo zegt iedereen die er geweest is. Meestal ook gevolgd door een advies over het weer: vrees het niet, maar bereid je erop voor. Wales stond dus al een tijdje op de bucketlist en na een aantal oefentrips in en rond de Ardennen zou dit onze eerste buitenlandse bikepackingtrip worden. En of we ons hadden voorbereid. Wat we niet wisten: fietsen in Wales is brutal. Maar zo mooi.

Tekst & foto’s: Kris Achten & Vincent Taverniers
Foto finish: Emma Payne

Het plan baseerden we op een track die we op Komoot vonden: 400 kilometer dwars door Wales. De route leidt van het uiterste zuiden, aan Swansea, over de Brecon Beacons, naar de westkust en dan weer landinwaarts, doorheen Snowdonia National Park naar Llandudno,
het meest noordelijke punt van het land. We hebben een week de tijd, inclusief reisdagen vanuit Antwerpen – dus dat kwam neer op vijf fietsdagen, aan 80 km per dag, en gemiddeld 1800 hoogtemeters. Slapen en eten, zo spreken we af, regelen we ter plaatse. Een slaapzak en een matje, regenkledij en enkele sportrepen, dat moet als basis voldoende zijn. Onze fietsen: 29’er hardtail mountainbikes, met al onze uitrusting in een stuur- en zadeltas. Geen rugzak, wel een regenjas en véél goesting.

De Welshe Meeuw

Waar we niet op gerekend hadden? Meeuwen. Of meer precies: de talloze manieren waarop ze krijsen, schateren, kwetteren en alles daartussen. Het kabaal start al in Calais, waar we onze auto achterlaten en de boot op fietsen – en volgt ons tot in Dover. Daar rollen we de ferry af, de trein op naar Londen – waar die dag alles stilgevallen is onder de grootste hittegolf ever. De wereldstad kreunt muisstil onder de hitte. Treinen hebben uren vertraging omdat sporen kromgetrokken zijn, maar het is zelfs te heet voor een sightseeing op de fiets. Wanneer we die avond, met uren vertraging, aankomen in Swansea trakteren we onszelf op bier en burgers, terwijl de meeuwen ons weer luidkeels verwelkomen.

Die nacht in de jeugdherberg moet het raam noodgedwongen volledig open – goed voor een verkoelende bries, maar ook voor een gratis concert van meeuwen in alle soorten, volumes en toonaarden. Wat we toen nog niet wisten, was dat een meeuwenkakofonie nog erger kon. Het hoogtepunt volgt tijdens de nacht na de derde etappe. Een barman gaf ons toen, naast een verrukkelijke stout, de tip om ons matje te leggen in de verlaten militaire gebouwen. Slecht plan!

Wat een gastvrijheid

Drie loodzware dagen waren we toen al onderweg. Na een vloeiende start langs een oud kanaaltje volgden de eerste hoogtemeters. Heel vlot berijdbare, brede grintwegen legden ons tijdens het klimmen niets in de weg. Enkel de zwaartekracht, het domweg vergeten te eten, en een tiental kilometers amper berijdbare Romeinse heirweg (de Sarn Helen) bemoeilijkten onze voortgang. Die heirweg zouden we nog een aantal keren tegenkomen.

Onze eerste dag kende een perfect einde: eten (shepherd’s pie) en drinken (bier) in de gezelligste pub van Brecon, nog even doorrijden in de avondzon, en ons tenslotte door ‘Local Luke’, de eerste die we hadden aangesproken voor een slaapplaats, laten gidsen. Hij was met ons meegefietst naar een waanzinnig mooi uitkijkpunt waar we, mede dankzij de hittegolf, in open lucht de nacht konden doorbrengen. Een panorama van 360°, terwijl de volle maan de zandsteenpieken verlichtte. Een zicht om niets snel te vergeten.

En zelfs daar, zo afgelegen, vielen we ten prooi aan de Welshe gastvrijheid. We hadden nog maar net afscheid genomen van Luke toen twee wandelaars zichzelf uitnodigden in onze openluchtslaapkamer, ons uithoorden over onze plannen en met twinkelende ogen vertelden over de schoonheid van hun land en de spirituele aard van de Welshmen. De dag erna kregen we zelfs een gedicht en een gepersonaliseerde blessing in de mailbox.

Pittige dagen…

Dag twee werd pittiger en we gunden ons een echt bed om op dag drie weer klaar te zijn voor een meer avontuurlijke nacht. Maar niet vooraleer we de meest onberijdbare beklimming van de trip hadden overwonnen, en onze enige (!) lekke band hadden hersteld. Onberijdbaar is trouwens letterlijk te nemen – we zijn allebei ervaren bikers, met duizenden kilometers in de benen, maar offroad in Wales is écht offroad – en afgelegen is er écht afgelegen.

De route was ongeveer voor de helft te doen met een fiets zonder vering – maar zelfs mét was het regelmatig recht op de pedalen staan op schijnbaar vlakke stukken. Rotsblokken, kiezels, richels – en tientallen veeroosters en -hekken. In het binnenland van Wales zie je geen fietsers, tenzij je er zelf een bent. Er waren dagen dat we urenlang geen mens zagen – en dus ook geen eten of drank konden tanken. Alleen schapen, groen, rotsen – en een waas voor onze ogen. In euforische toestand bereikten we na drie uitputtende dagen weer de kust, bij Tywyn.

… En gebroken nachten

Het schemerde, alles was dicht, enkel de pub serveerde net het laatste rondje. De eigenaar suggereerde dat we op het strand kunnen slapen, ofwel op de dijk, ofwel in de verlaten legerbarakken wat verderop. Wildkamperen is in Wales toegestaan, maar zonder tent op een onbeschut strand gaan liggen – nee, dat willen we ons geradbraakte lijf niet aandoen.
Op het verlaten militair kamp kwamen we toch nog enkele mensen tegen. Alweer had een Welshman heel veel tijd voor een babbel. Hij toonde ons de ‘meest geschikte’ barak voor de nacht – denk: gebroken glas, graffiti, badkuipen vol afval. Maar de avond was gevallen en we rolden onze matjes uit, op hoop van zegen. Het werd een drama. Achteraf beeld ik me in dat meeuwen van alle soorten in het raam, door de schoorsteen en in ons oor hebben staan krijsen. We gingen doodop slapen en stonden gebroken weer op.

Het ware hart van het land

Mijn makker besloot om een stuk de trein te nemen. Hij kon niet meer, zeker na zo’n nacht. We zouden elkaar terugzien vlakbij Dify, waar de downhillfamilie Atherton hun fietsenfabriek en downhillpark hebben. Voor uitgeruste bikers zonder bagage een echte speeltuin. Voor ons eerder een plek om onze apparatuur in het stopcontact te steken, remblokjes te vervangen, tubeless melk te kopen en zo veel mogelijk te eten.


We trekken verder richting het bekendste bikepark van Wales Coed-y-Brenin – aan de voet van Snowdonia National Park. De weg ernaar heen is van een verbluffende schoonheid. Het desolate, het groene, het afgeronde reliëf… Achter elke bocht hijgden we ‘wow’. Snowdonia is adembenemend mooi – en nog een pak grilliger dan de rest van Wales. Volgens veel Welshmen ligt hier in het park het ware hart van hun land; de zwaartekracht staat er in elk geval een paar standjes hoger.

“Hier wonen mensen
die de waarde van
een calorie kennen.”

Niets is low-carb

Die dag, bij het zoeken naar een hotel op onze boekingsapp, besloten we een extra cent uit te geven aan een extra ster, wat ons een bad, aparte bedden en een helende nacht opleverde. Gelukkig maar, want het was op dag vier beginnen regenen en deze laatste fietsdag begon buiig en de eerste beklimming rijden we tussen de wolken. Ook dat is Wales. Na een uur stapvoets in de mist klaren plots de wolken op en staan we bovenop een gigantische leisteengroeve. Cwm Penmachno voor de locals, Mordor voor ons. Het lijkt alsof hier in jaren niemand is geweest.

Een zalige afdaling, terug de wolken in, verstand op nul, en hopen dat er geen schapen of hobbits uit de struiken opduiken. Een paar uur later rollen we verkleumd, doorweekt en uitgehongerd Betws-y-Coed binnen, een soort Durbuy waar toeristen verzamelen in boetiekjes en horeca, vooraleer ze de natuur van Snowdonia in trekken. We eten er weer zoveel we kunnen. Interessant feitje over de Welshe keuken: bijna alles is geel of bruin (toast, ei, kaas, boter, champignons, worst, rarebit, cakes, zeewierkoek) en niets is low-carb. Hier wonen mensen die de waarde van een calorie kennen. Eten doe je om te kunnen werken.

Omdat het zo mooi is

Die laatste middag trekken we door een bikeparkje waar we onze fietsen nog eens goed vuil maken voor de afdaling naar Conwy en Llandudno aan de Ierse Zee. We hebben inmiddels Mordor achter ons gelaten en rijden door het decor van de Teletubbies – of de schermachtergrond van Windows XP. De laatste kilometers ploegen we over het strand. Onze hemelsbrede glimlach en hemeltergende vuilheid trekt de verbaasde blik van flanerende toeristen. Wanneer ze ons vragen waar we vandaan komen fietsen, valt hun mond open van verbazing. “Fietsen doorheen Wales? Waarom?!” Ons antwoord: “Omdat het ontzettend mooi is!” Dat gezegd zijnde parkeren we ons in een pub en later die avond in een statig Fawlty Towers-hotel. Waar we helemaal gaar en helemaal lam in een diepe slaap vallen.
Al deden de meeuwen nog zo hun best.

De blessing van Anna, die we op dag 1 ontmoetten.

May the road rise up to meet you.
May the wind be always at your back.
May the sun shine warm upon your face.
The rain fall soft upon your fields.
And until we meet again.
May God hold you in the palm of his hand.

Lord of the Journey, be with Kris and Vincent in their travels. Keep them safe from all harm. Bless them with the kindness of strangers… and keep their eyes and hearts open to the landscape of Wales and to each new encounter. For your great and tender mercies. Amen.

Buitenboeken – leesvoer voor grote en kleine avonturiers

Niets boven buiten zijn. Maar je rustig terugtrekken in de hangmat of je tent met een nieuw buitenboek? Komt in de buurt! Hier wat nieuw is op de plank.

Met de wind mee

In dit boek begint Wouter Deboot na fietstochten door Amerika en Oceanië aan een nieuw avontuur. Geen grootschalige operatie aan de andere kant van de plas met moeilijke voorbereidingen. Nee, dit keer dwarrelt hij als een blad door Europa aan 100 km per dag in de richting die de wind hem aanwijst.
Pelckmans, 240p., ISBN 9789028979758, € 24,50

Wild van Europa

In Wild van Europa neemt natuurfotograaf Wouter Pattyn je mee naar enkele tot de verbeelding sprekende natuurgebieden op het Europese continent. Een boek om in rond te zwerven en bij weg te dromen, om ontspannen onderuit te zakken in je luie stoel met foto’s die je goesting doen krijgen om er zelf op uit te trekken.
Lannoo, 256 p., ISBN 9789401487313, € 39,99

150 Ultieme Eilanden

Het nieuwste koffietafelboek van Lonely Planet. Eilanden zijn al lang een bron van fascinatie voor reizigers en ze zijn er in alle soorten en maten. Meer dan 600 foto’s, illustraties en kaarten brengen de meest betoverende eilanden tot leven. Van de koraalriffen van de Raja Ampat-eilanden tot de kunst van Naoshima.
Kosmos Uitgevers, 320p., ISBN 9789043926607, € 39,99

Voorbij de Bergen

Maud Ankaoua inspireerde al meer dan twee miljoen lezers met deze reisroman over zelfontwikkeling. Gebaseerd op een persoonlijk reisverslag. Hoofdpersoon Maëlle leert zichzelf tijdens een lange trektocht door de Anapurnaregio in Nepal steeds beter kennen, waardoor haar leven een totaal andere wending krijgt.
Kosmos Uitgevers, 304 p., ISBN 9789043926379, € 21,99

Elke dag naar buiten

Frisse lucht is gezond, bewegen is prettig en buiten maakt gelukkig. In dit mooie notitieboek noteer je wandelingen, fietstochten, natuurvondsten, lijstjes met plekken waar je ooit nog heen wil. Met tips om anders te gaan kijken naar wat er is en met foto’s met de auteur haar eigen natuurvondsten.
Uitgeverij Fjord, 160p., ISBN 978 90 83169 187, € 17,50

Wildzoekers in het bos

Dit mooie boek van twee biologen, Maartje Kouwen en Kim Merel Veenman, leert kinderen vanaf zes jaar vogels, planten en dieren herkennen aan de hand van meer dan honderdzestig activiteiten in het bos. Een boek dat elk weekend en elke vakantie in je tas past.
En nu naar buiten!
Lemniscaat, 80p., EAN 9789047714576, €14,99

Natuurlijk doe je zo

Gemaakt in samenwerking met het Wereld Natuur Fonds. Vol tips en wetenswaardigheden over de natuur en hoe we daar beter voor kunnen zorgen. Een musthave voor gezinnen met jonge kinderen van 8-12 jaar. Met aansprekende foto’s en grappige tekeningen van Wendy Panders.
Uitgeverij Luitingh-Sijthoff, 216p., ISBN 9789021034959, € 24,99

Wilder Journeys

Een ongelooflijke verzameling waargebeurde verhalen van natuurliefhebbers, nomaden en avonturiers van over de hele wereld, waaronder Angela Maxwell, Hamza Yassin, Gregory Smith, Miriam Lancewood, Karl Bushby’s en David Malana. Met prachtige illustraties, een voorwoord van ontdekkingsreiziger Belinda Kirk en bijdragen van vooraanstaande dichters. Watkins Media Ltd., 224p., ISBN 9781786787422, € 14,95

Vol van Natuur

Geschreven door bioloog, natuurgids en bioloog Kris Struyf voor Natuurpunt Natuuracademie en tevens een inspirerend naslagwerk voor alle natuurliefhebbers. Het leert je meer over onderlinge verbanden, het lezen van landschappen en schept orde in duizenden levensvormen.
Lannoo, 512p., ISBN 9789401488785, € 39,99

Het Wildplukboek

Ben Brumagne van Forest To Plate bundelt in dit boek niet alleen zijn plantenkennis, maar verrijkt het ook met prachtige verhalen, zijn eigen ervaringen en tal van heerlijke recepten. Een perfect boek voor wie de eetbare natuur beter wil leren kennen, maar ook voor doorwinterde wildplukkers.
Lannoo, 320 p., ISBN 9789401487658, € 25,99